Gerrit Komrij

Gerrit Komrij was een veelzijdig Nederlands schrijver, dichter, vertaler, essayist, criticus, polemist en toneelschrijver. Hij werd op 30 maart 1944 geboren in Winterswijk en overleed op 5 juli 2012 in Amsterdam. Hij groeide uit tot een van de meest uitgesproken en invloedrijke Nederlandse schrijvers van zijn generatie, bekend om zijn virtuoze taalgebruik, scherpe humor en nietsontziende polemieken. In 1993 ontving hij de P.C. Hooft-prijs voor zijn beschouwend proza. Van 2000 tot 2004 was hij de eerste Dichter des Vaderlands.

Komrij groeide op in Winterswijk en volgde daar eerst de HBS en later het gymnasium. Al tijdens zijn schooltijd schreef hij gedichten en andere bijdragen voor de schoolkrant. In 1963 liet hij bij een drukkerij in Winterswijk een eerste bundeltje van vier gedichten verschijnen, Dekonstruktie in vier delen, al beschouwde hij dit later als een soort pseudodebuut. Na zijn eindexamen vertrok hij naar Amsterdam, waar hij Nederlandse letterkunde studeerde. Die studie hield hij echter maar een half jaar vol.

In Amsterdam ontwikkelde Komrij zich verder als schrijver. Hij bewoog zich in de culturele en homoseksuele underground van de stad en ontmoette er zijn levenspartner, de kunstenaar Charles Hofman. In 1965 vertrok hij naar Kreta met het plan zich daar te vestigen, maar eind 1966 keerde hij terug naar Nederland. Vanaf 1967 verdiende hij zijn brood onder meer als vertaler.

Zijn officiële literaire debuut kwam in 1968 met de dichtbundel Maagdenburgse halve bollen en andere gedichten. Vanaf dat moment ontwikkelde hij een omvangrijk oeuvre waarin poëzie, proza, essays, vertalingen, toneel en journalistiek voortdurend naast elkaar bestaan. Zijn werk onderscheidde zich door een grote aandacht voor taal, vorm en ritme, maar ook door zijn vermogen om met humor en ironie de gevestigde literaire en maatschappelijke opvattingen aan te vallen.

Een belangrijk onderdeel van Komrijs literaire betekenis ligt in zijn werk als bloemlezer. In 1979 verscheen de eerste versie van De Nederlandse poëzie van de 19de en 20ste eeuw in 1000 en enige gedichten. De omvangrijke bloemlezing groeide in de loop der jaren uit tot een standaardwerk voor lezers van de Nederlandse poëzie. In 2004 verscheen een veertiende, sterk uitgebreide editie onder de titel Nederlandse poëzie van de 19de t/m de 21ste eeuw in 2000 en enige gedichten.

Komrij beperkte zich niet tot de poëzie. Hij schreef ook essays, romans, toneelwerken, columns en literaire kritieken. In Verwoest Arcadië (1980) verwerkte hij herinneringen aan zijn jeugd en adolescentie in Winterswijk en Amsterdam. Het boek heeft een sterk autobiografische inslag en draait onder meer om de verhouding tussen seksualiteit, verlangen en literatuur.

Als criticus verwierf Komrij een reputatie die bijna even groot was als die van de dichter. In 1976 schreef hij voor NRC Handelsblad een jaar lang televisiekritieken. Zijn weinig vleiende benaming voor televisie, de ‘treurbuis’, werd beroemd. Later schreef hij voor dezelfde krant over literatuur en andere culturele onderwerpen. Zijn recensies waren geestig, scherp en soms vernietigend. Hij was een criticus die niet bang was om vijanden te maken en die zijn oordeel met zichtbaar plezier formuleerde.

In 1984 verhuisde Komrij samen met Charles Hofman naar Portugal. Ze vestigden zich eerst in Alvites, in de bergachtige regio Trás-os-Montes, en verhuisden later naar Vila Pouca da Beira. Portugal werd gedurende de rest van Komrijs leven zijn woonomgeving, al bleef hij nauw verbonden met het Nederlandse literaire leven.

Zijn reputatie als essayist werd in 1993 bekroond met de P.C. Hooft-prijs. Een jaar eerder had hij de Huizingalezing uitgesproken in de Pieterskerk in Leiden. In 2000 kreeg hij een eredoctoraat van de Universiteit Leiden. Zijn veelzijdigheid maakte hem tot een uitzonderlijke figuur binnen de Nederlandse letteren: hij was tegelijk dichter, commentator, vertaler, polemist en kenner van de literaire traditie.

Ook buiten de literatuur trad Komrij nadrukkelijk naar voren. In 1996 was hij gastconservator van het Stedelijk Museum Amsterdam. Voor de tentoonstelling Kijken is bekeken worden selecteerde hij ongeveer honderd schilderijen uit de museumcollectie. De schilderkunst vormde het verbindende thema en Komrij koos opvallend veel zelfportretten. Bij de tentoonstelling verscheen een gelijknamige catalogus.

In 2000 werd Komrij door Nederlandse lezers gekozen tot de eerste Dichter des Vaderlands. Vanuit Portugal vervulde hij deze functie gedurende vier jaar. Hij schreef gelegenheidsgedichten en trad daarmee nadrukkelijk op als dichter voor een breed publiek. In januari 2004 legde hij het ambt neer.

Komrij bleef ook in zijn latere jaren verschillende disciplines combineren. Hij werkte onder meer samen met componisten en musici en schreef in 2009 mee aan Dansen op Spijkers, een cd waarop een deel van zijn werk als liederen werd uitgevoerd. In 2009 schreef hij bovendien het Groot Dictee der Nederlandse Taal. Ook was hij betrokken bij de oprichting van de Turing Nationale Gedichtenwedstrijd. In 2011 werkte hij als schrijver en verteller mee aan De zeven zonden van Jeroen Bosch.

Een wezenlijk onderdeel van Komrijs schrijverschap was zijn opvatting over poëzie. Hij verzette zich tegen het idee dat een gedicht vooral de werkelijkheid of de gevoelens van de dichter zou moeten weergeven. Voor Komrij had poëzie een eigen werkelijkheid. Het gedicht was een zelfstandige talige constructie en hoefde niet ondergeschikt te zijn aan een boodschap, politieke overtuiging of maatschappelijke functie.

Daarmee verdedigde Komrij de autonomie van de dichter en van het gedicht. Hij vond dat een dichter zich nergens definitief aan moest vastleggen. Vorm, metrum, rijm en klank waren voor hem geen beperkingen die moesten worden overwonnen, maar juist middelen waarmee taal kon worden gevormd. Hij omschreef stijl als de hardnekkigheid waarmee taal tot een architectonisch geheel wordt gekneed.

Die aandacht voor taal verklaart veel van zijn schrijverschap. Komrij kon geestig en toegankelijk zijn, maar zijn teksten waren tegelijkertijd zorgvuldig geconstrueerd. Achter de schijnbare lichtheid van zijn ironie zat een groot bewustzijn van literaire tradities en taalvormen. Zijn belangstelling voor de Nederlandse poëzie was dan ook niet alleen die van een verzamelaar: hij was voortdurend bezig met de vraag wat poëzie kan zijn en hoe taal een eigen wereld kan scheppen.

Zijn overlijden in juli 2012 betekende het einde van een uitzonderlijk veelzijdig schrijverschap. Hij stierf op 68-jarige leeftijd na een kort ziekbed in Amsterdam. Later dat jaar verscheen postuum de dichtbundel Boemerang en Andere Gedichten, die volgens zijn uitgever al grotendeels gereed was.

De nalatenschap van Komrij bleef zichtbaar. In 2012 werd de Gerrit Komrij-prijs ingesteld. In zijn geboorteplaats Winterswijk werd een school naar hem vernoemd en in 2014 werd daar een bronzen buste van de schrijver onthuld. Ook werd een treinstel naar hem genoemd. Zijn werk en zijn invloed op de Nederlandse literatuur bleven daarmee ook buiten de boekenwereld zichtbaar.

Gerrit Komrij was uiteindelijk moeilijk in één literaire categorie onder te brengen. Hij was dichter en criticus, maar ook polemist, vertaler, bloemlezer en essayist. Hij kon de Nederlandse literatuur bewonderen en haar tegelijkertijd genadeloos aanvallen. Juist die combinatie van liefde voor taal en afkeer van gemakzucht bepaalde zijn positie in de Nederlandse letteren.

Zijn werk wordt gekenmerkt door taalplezier, vormbewustzijn, ironie en een grote onafhankelijkheid. Komrij wilde zich niet laten vastleggen door literaire modes of verwachtingen. Zijn oeuvre vormt daardoor niet alleen een omvangrijke verzameling gedichten, verhalen en beschouwingen, maar ook een voortdurende verdediging van de vrijheid van de schrijver en de zelfstandigheid van de literatuur.

Boeken van deze auteur


Scroll naar boven
Librar
Privacyoverzicht

Deze site maakt gebruik van cookies, zodat wij je de best mogelijke gebruikerservaring kunnen bieden. Cookie-informatie wordt opgeslagen in je browser en voert functies uit zoals het herkennen wanneer je terugkeert naar onze site en helpt ons team om te begrijpen welke delen van de site je het meest interessant en nuttig vindt.