Een vader verdwijnt in zee en een jongen van negen jaar komt thuis met een geheim. Met die eenvoudige, maar verontrustende situatie opent Jaap Robben zijn romandebuut Birk. Mikael woont met zijn vader Birk en zijn moeder op een afgelegen eiland ergens tussen Noorwegen en Schotland. De gemeenschap is er klein: naast het gezin is er alleen buurman Karl. De zee bepaalt het ritme van het leven, maar vormt tegelijk een voortdurende dreiging.
Mikael weet wat er met zijn vader is gebeurd, maar vertelt het niet meteen. Dat zwijgen vormt de kern van de roman. Hij draagt een schuldgevoel dat hij als kind nauwelijks kan begrijpen, terwijl zijn moeder in haar verdriet steeds meer grip op de werkelijkheid verliest. Vanaf dat moment verandert het eiland in een gesloten ruimte waarin de drie overgebleven bewoners steeds verder van elkaar verwijderd raken.
Robben kiest nadrukkelijk voor het perspectief van Mikael. Dat is een sterke keuze, omdat de jongen de gebeurtenissen niet kan overzien. De lezer weet daardoor aanvankelijk nauwelijks meer dan hij. De dood van Birk wordt niet uitgebreid verklaard, maar dringt zich stukje bij beetje aan de lezer op. Het gevolg is een merkwaardige spanning: het belangrijkste geheim ligt vanaf het begin op tafel, maar niemand lijkt in staat het werkelijk onder ogen te zien.
De titel krijgt daardoor een dubbele betekenis. Birk is de naam van de vader, maar na zijn dood wordt zijn naam voor Mikael ook verbonden met schuld en verlies. Zijn moeder noemt hem niet langer eenvoudigweg ‘papa’, maar spreekt over Birk. De vader wordt zo tegelijkertijd een herinnering en een aanwezigheid die tussen moeder en zoon blijft staan.
Het eiland is veel meer dan een decor. De geïsoleerde ligging maakt het onmogelijk om werkelijk afstand van elkaar te nemen. Er is nauwelijks een buitenwereld waarnaar de personages kunnen ontsnappen. Wat thuis gebeurt, blijft thuis. Dat versterkt de psychologische druk en maakt de omgeving bijna tot een personage op zichzelf. Een recensent benadrukt terecht dat de beklemming van het eiland rechtstreeks verbonden is met de thematiek van schuld, eenzaamheid en onvermogen.
Voor Mikael wordt de natuur bovendien een manier om met zijn situatie om te gaan. Hij houdt zich bezig met een meeuwenjong en probeert zijn omgeving te begrijpen door kleine dingen te observeren. Dat past bij zijn leeftijd: hij beschikt niet over de woorden om zijn verdriet en schuld uit te leggen, maar probeert wel controle te krijgen over wat hij om zich heen ziet.
Zijn moeder maakt ondertussen een tegenovergestelde ontwikkeling door. Haar verdriet om Birk wordt zo groot dat haar verhouding tot haar zoon steeds ongezonder wordt. Mikael is niet langer alleen haar kind, maar ook degene aan wie zij haar verlies en eenzaamheid onbewust vastknoopt. Ze klampt zich aan hem vast en probeert hem tegelijk verantwoordelijk te maken voor wat er is gebeurd.
Daarmee verandert de roman geleidelijk van een verhaal over een verdwenen vader in een beklemmend verhaal over de verhouding tussen moeder en zoon. Mikael wordt gedwongen om op te groeien binnen een gezin waarin rouw niet wordt verwerkt, maar voortdurend aanwezig blijft.
Robben beschrijft dat proces opvallend sober. Hij gebruikt geen overdadige psychologische uitleg en schrijft in korte, heldere zinnen. Juist daardoor worden de ongemakkelijke situaties sterker. De lezer moet zelf begrijpen wat er tussen de regels gebeurt. Die stijl werd bij verschijning ook geprezen om zijn precisie en terughoudendheid.
De tijdsprongen zijn daarbij belangrijk. Mikael wordt eerst als negenjarige gevolgd en later als vijftienjarige. De lezer ziet hem dus niet alleen als het kind dat zijn vader verliest, maar ook als een adolescent die nog steeds gevangen zit in de gevolgen van die gebeurtenis. Zijn jeugd is niet voorbijgegaan; ze heeft zich vastgezet in zijn verhouding tot zijn moeder en zichzelf.
Daarin schuilt een van de sterkste kanten van Birk. Robben schrijft niet zozeer over één traumatische gebeurtenis, maar over de lange schaduw die zo’n gebeurtenis over een jeugd kan werpen. De dood van Birk is snel gebeurd. Het verwerken ervan blijkt veel ingewikkelder.
Ook buurman Karl speelt een belangrijke rol. Hij is de enige andere volwassene op het eiland en probeert contact te krijgen met Mikaels moeder. Tegelijkertijd heeft hij zelf zijn beperkingen en verlangens. Daardoor wordt ook zijn aanwezigheid onderdeel van de gespannen verhouding op het eiland. De personages zoeken allemaal naar nabijheid, maar slagen er juist daardoor steeds minder in elkaar werkelijk te bereiken.
Dat maakt Birk tot een roman over mensen die elkaar nodig hebben en elkaar tegelijkertijd beschadigen. Schuld en liefde lopen voortdurend door elkaar. Troost kan verstikkend worden en nabijheid kan juist tot grotere eenzaamheid leiden.
Rituelen
Teflonbaby
Boudewijn
Van God mag je stelen
Stille geheimen
Revolusi
Zonnehuis
Normaliteit
Salami
Queer geschiedenis van Nederland
Vallen is als vliegen
Fluisteringen van vergeten zand
Schrijvers produceren boeken lezers maken literatuur
Roger Van de Velde
Het geheime dagboek van Emma M. Lion
Elders wacht een ander op me
Zonnehuis
De verovering van België
Zomer te Ter-Muren
Luchtplaats
Bint
Alleman