Met De arkvaarders herschrijft Anne Provoost het bekende verhaal van Noach en de zondvloed vanuit een onverwacht perspectief. Niet Noach staat centraal, maar Re Jana, een jonge vrouw die met haar vader en haar verlamde moeder vanuit de moerassen naar de plek trekt waar een enorme ark wordt gebouwd. Daardoor verandert een vertrouwd Bijbelverhaal in een complexe roman over macht, geloof, uitsluiting en de vraag wie het recht heeft om te overleven.
Re Jana is niet alleen de hoofdpersoon, maar ook de kritische observator van de gebeurtenissen. Zij staat buiten de kring van de uitverkorenen en kijkt daardoor met andere ogen naar Noach en zijn familie. Wanneer haar vader als botenbouwer aan de bouw van de ark gaat meewerken, komt zij steeds dichter bij de wereld waarin over leven en dood wordt beslist.
Provoost vult het Bijbelse verhaal bewust aan. De Bijbel vertelt slechts summier over de zondvloed en de bouw van de ark; Provoost geeft de personages een geschiedenis, karakter en onderlinge verhoudingen. Ook creëert ze nieuwe personages en verhaallijnen. Het resultaat is een roman die het bekende verhaal soms nadrukkelijk tegenspreekt.
Een van de belangrijkste thema’s is uitverkoren zijn. Noach en zijn gezin krijgen de mogelijkheid om de zondvloed te overleven, terwijl de rest van de mensheid wordt veroordeeld tot de dood. Maar wie bepaalt eigenlijk wie rechtschapen genoeg is om gered te worden? Re Jana kijkt met toenemende twijfel naar die verdeling. De roman stelt daarmee een ongemakkelijke vraag: kan gehoorzaamheid aan een goddelijke opdracht werkelijk belangrijker zijn dan mededogen met degenen die worden uitgesloten?
Ook het begrip rechtschapenheid wordt voortdurend ondergraven. De personages die volgens de goddelijke orde gered mogen worden, blijken niet vanzelfsprekend beter of menselijker dan degenen die buiten de ark blijven. De jury van de Boekenwelp benadrukte precies deze ontluisterende aanpak: Provoost laat eerbiedwaardige personages hun rechtschapenheid verliezen en plaatst vraagtekens bij voorbestemming, mededogen en uitverkorenheid.
De ark zelf krijgt daardoor een dubbele betekenis. Ze is het reddingsmiddel, maar tegelijkertijd een afgesloten wereld waarin macht, angst en schuld steeds sterker worden. Re Jana noemt de ark een drijvende doodskist. Tijdens de zondvloed verdwijnen de aanvankelijke verwachtingen van veiligheid en redding steeds verder. Voedsel wordt schaars en ook de uitverkorenen worden geconfronteerd met twijfel en wanhoop.
De manier waarop Provoost de zondvloed beschrijft, maakt het verhaal bijzonder lichamelijk. Het gaat niet alleen om regen en water, maar om kou, vuil, uitputting, angst, honger en de gevolgen van het samenleven in een afgesloten schip. De Engelse recensent van The Guardian wees op de uitzonderlijke gedetailleerdheid waarmee Provoost de gruwelijkheid van de situatie voelbaar maakt.
Daarmee is De arkvaarders veel donkerder dan de bekende voorstelling van de ark met dieren die paarsgewijs aan boord gaan. De dieren zijn gered, maar de menselijke gevolgen van de ramp blijven voortdurend aanwezig. Provoost richt de aandacht op degenen die in het Bijbelverhaal nauwelijks een stem krijgen: de mensen die buiten de ark achterblijven.
Re Jana’s positie is daarbij essentieel. Ze behoort niet tot de uitverkorenen en kan alleen door haar eigen initiatief een plaats aan boord bemachtigen. Haar verhouding met Cham speelt daarin een belangrijke rol. De keuze om hem te verleiden is niet uitsluitend romantisch; ze is ook een daad van overleving. Daarmee wordt liefde verbonden met macht, noodzaak en strategie.
De roman gaat daardoor ook over de positie van vrouwen. Re Jana bevindt zich in een wereld waarin mannen de beslissingen nemen en vrouwen in belangrijke mate afhankelijk zijn van hun positie binnen het gezin en de gemeenschap. Haar zelfstandigheid en haar vermogen om situaties naar haar hand te zetten, maken haar tot een opvallend moderne figuur in deze archaïsche wereld.
Toch is Re Jana geen onfeilbare heldin. Ze moet voortdurend keuzes maken waarbij geen enkele mogelijkheid volledig goed is. Juist dat maakt haar overtuigend. Provoost schrijft niet over een wereld waarin duidelijk is wie goed en wie slecht is, maar over mensen die onder extreme omstandigheden proberen te overleven.
Daarmee krijgt de zondvloed ook een hedendaagse betekenis. Provoost schreef de roman oorspronkelijk in de jaren negentig, tegen een achtergrond van maatschappelijke angst voor collectieve rampen, zoals het broeikaseffect, epidemieën en andere bedreigingen. Zelf heeft ze aangegeven dat ze wilde onderzoeken hoe mensen reageren wanneer een collectieve ramp wordt aangekondigd en hoe selectief mensen dan kunnen luisteren.
Dat maakt het boek verrassend actueel. De zondvloed is niet alleen een gebeurtenis uit een ver verleden, maar kan worden gelezen als een verhaal over iedere samenleving die wordt geconfronteerd met een existentiële bedreiging. Wie wordt beschermd? Wie wordt opgeofferd? Wie bepaalt wat noodzakelijk is? En wat gebeurt er met mededogen wanneer overleven het belangrijkste doel wordt?
De kracht van Provoosts roman zit in haar stijl. Ze schrijft beeldend en nauwkeurig en neemt de lezer mee in de stoffige wereld van de werf en later in de beklemmende ruimte van de ark.
De roman werd aanvankelijk als jeugdboek gepresenteerd, maar die kwalificatie doet het werk eigenlijk tekort. De thematiek en de literaire uitwerking zijn complex genoeg voor volwassen lezers. Een academische studie over het boek beschouwt De arkvaarders zelfs als een vorm van ‘literatuur zonder leeftijd’, waarin jonge en volwassen lezers op verschillende niveaus kunnen lezen.
Over grenzen
Regime change
Bres
Barakstad
Lázár
Een beetje gek
Nachtangst
Queer geschiedenis van Nederland
Konvooi
Beste Michele
De klopjacht op de sneer
De aanraking
Web
Bankiers van God en keizer
Vaarwel, mijn 1995!
Veel mensen dromen niet van schrijven, ze dromen van auteur zijn
De tuinen van Bomarzo
Debet
Christel Desmaretz
OverMorgen
Gezond gewicht
De kleine verlossing, of de lust van ontlasten