Wie De Avonden leest, zou bijna gaan geloven dat het naoorlogse Nederland een plek is waar elke vorm van levenslust langzaam wordt uitgeknepen. In deze roman uit 1947 volgt Gerard Reve tien winterdagen uit het bestaan van Frits van Egters, een jonge man voor wie de tijd lijkt stil te staan. Grote gebeurtenissen blijven uit, juist de leegte en herhaling vormen de kern van het verhaal.
Frits woont nog thuis, samen met zijn ouders, in een benauwd Amsterdams appartement. De woning is klein, gehorig en weinig comfortabel — een perfecte afspiegeling van de woningnood en armoede van vlak na de bevrijding. Elke ruimte heeft een functie, maar geen ervan biedt echte privacy. Zelfs warmte is geen vanzelfsprekendheid: kolen zijn schaars, en het brandend houden van de kachel vraagt voortdurende aandacht. Het huis voelt eerder als een last dan als een toevluchtsoord.
Ook eten is strikt functioneel. Alles is gerantsoeneerd en het menu bestaat voornamelijk uit eenvoudige, monotone gerechten. Toch slagen Frits’ ouders erin om van deze karige middelen iets eetbaars te maken, al is het vooral de routine die overheerst. De dagen van Frits verlopen volgens een vast patroon: hij staat op, werkt, eet bij zijn ouders, bezoekt kennissen en gaat weer naar bed. Zelfs zijn dromen lijken geen echte ontsnapping te bieden.
Zijn verhouding tot zijn ouders is complex en vaak ongemakkelijk. De vader ergert hem door zijn gedrag en zijn slechthorendheid; de moeder roept tegelijkertijd irritatie en medelijden op door haar zorgzame maar betuttelende houding. Frits observeert hen scherp en meedogenloos, maar niet zonder een zekere melancholie. Zijn gedachten zijn vaak cynisch, filosofisch en provocerend, waarbij Reve hem voorziet van uitspraken die zowel schuren als aan het lachen maken.
Feestdagen brengen nauwelijks verlichting. Kerstmis gaat vrijwel ongemerkt voorbij, zonder versiering of ritueel. Oud en nieuw wordt wel gevierd, zij het op sobere en licht tragikomische wijze. Zelfs een zorgvuldig aangekochte ‘wijn’ blijkt uiteindelijk iets heel anders te zijn dan verwacht. Toch vindt Frits juist in die laatste uren van het jaar een onverwachte mildheid: een voorzichtig moment van verzoening met zijn ouders, al is het maar van korte duur.
Bij verschijnen maakte De Avonden diepe indruk. Het boek liet zien hoe de oorlog niet alleen steden en lichamen had beschadigd, maar ook verwachtingen, idealen en toekomstbeelden. Opvallend is dat over die oorlog nauwelijks wordt gesproken; de stilte eromheen zegt genoeg. Reve schrijft zonder expliciet oordeel, maar met een messcherp oog voor detail. Zijn plechtige, soms ouderwetse taal botst bewust met de alledaagsheid van het bestaan dat hij beschrijft. Juist die tegenstelling maakt het boek tegelijkertijd somber en onweerstaanbaar grappig.
De Avonden is daarmee een roman die laat zien hoe uitzichtloosheid en humor hand in hand kunnen gaan — een portret van een generatie die leert leven met teleurstelling, en daar soms zelfs om kan lachen.
Hij wist het niet meer
De wonderen
Céline
Uitgeverij Guggenheimer
Nevermore
De kreeftenvrouwen
On my watch
De dood in Venetië
Fake profiel
Johann Friedrich Herbart, grondlegger van de pedagogiek
Een gevaarlijke schoonheid
Harry Potter en de Steen der Wijzen
Ernest Hemingway
Rahila’s geheimen
Al het blauw van de hemel
Daar waar de rivierkreeften zingen
On my watch
Tirza
De oesters van Nam Kee
Als alles bijzonder is, is niets nog bijzonder
De ijdelheid van de kanunnik
Een goede man slaat soms zijn vrouw