Herman Brusselmans zou het graag wat rustiger aan doen. Dat lijkt het begin van een flauwe grap, zeker bij een schrijver die al decennialang leeft van het tegenovergestelde: doorgaan, schrijven, optreden en zichzelf met een mengeling van ernst en absurditeit als literair personage opvoeren. De lamzak, het eerste deel van de nieuwe trilogie Helder van geest, lijkt precies op die spanning te bouwen. Brusselmans schrijft nadrukkelijk autobiografisch en laat zijn dagelijkse leven bevolken door Wendy, een verkochte motor, een reuzenhagedis, lezingen, therapie, restaurants, een rokende rat, muizen op zolder en een Alfa Romeo. Het gewone wordt bij hem nooit gewoon.
Wie Brusselmans kent, weet dat dit soort opsommingen geen versiering zijn, maar bijna een literaire methode. Hij maakt van het banale een onderwerp en van het onderwerp opnieuw een grap. Achter de absurde details zit echter een schrijver die ouder wordt en daar moeilijk omheen kan. Het huisgezin waarvan hij deel uitmaakt — man, vrouw, kind, hond — vormt de vaste werkelijkheid waarbinnen de chaos zich afspeelt. Daardoor kan De lamzak interessanter worden dan een zoveelste Brusselmans-boek vol provocaties: het is mogelijk ook een boek over de man achter het bekende personage.
Dat autobiografische karakter is belangrijk. Brusselmans heeft eerder zijn eigen leven, gewoonten, angsten en omgeving als grondstof gebruikt, maar hier lijkt hij die werkwijze nadrukkelijk verder te voeren. In een recente tekst over de totstandkoming van de roman noemde hij De Lamzak zelf “erg autobiografisch” en verwees hij naar zijn gezin, zijn lezingen en zijn dagelijkse bezigheden. Dat maakt nieuwsgierig naar de verhouding tussen schrijver en personage. Hoeveel Herman Brusselmans is de Herman Brusselmans van het boek, en hoeveel is literaire constructie?
Daar ligt vermoedelijk ook de kern van de trilogie. De lamzak moet samen met De leegganger en De nitwit een groter portret vormen van een schrijver die niet alleen met zijn leven, maar ook met zijn eigen imago blijft worstelen. De titel is daarbij bijna zelfspot: een schrijver die kennelijk te weinig doet, terwijl alles om hem heen bewijst dat hij juist voortdurend bezig is. Hij rijdt rond voor lezingen, schrijft, denkt na over nieuwe boeken en houdt zijn eigen absurditeiten zorgvuldig bij. De lamzak blijkt dus misschien juist iemand die het tegenovergestelde van lui is.
De charme van Brusselmans zit traditioneel in die paradoxen. Hij kan een onbenullige gebeurtenis minutenlang uitmelken en er vervolgens onverwacht een melancholische gedachte aan koppelen. De uitgever presenteert De lamzak dan ook nadrukkelijk als een tekst waarin ernst en humor naast elkaar staan. De vraag is natuurlijk of die formule na tientallen boeken nog fris kan klinken. Brusselmans schrijft bewust in zijn eigen idioom, en dat is tegelijk zijn grootste kracht en zijn grootste risico. Wie zijn stijl geestig vindt, zal waarschijnlijk opnieuw plezier beleven aan de uitvergroting van het alledaagse. Wie hem repetitief vindt, zal in precies diezelfde kenmerken een bezwaar zien.
Voor een nieuwe lezer kan De lamzak daardoor een merkwaardige kennismaking zijn. Er lijkt weinig klassieke plot te zijn en de vele namen, dieren, auto’s en huishoudelijke gebeurtenissen suggereren eerder een stroom van observaties dan een strak opgebouwde roman. Dat hoeft geen probleem te zijn. Brusselmans heeft nooit veel behoefte gehad aan keurige literaire architectuur. Zijn kracht ligt eerder in ritme, stem en onverwachte associaties. Hij schrijft zoals iemand praat die telkens op een nieuw verhaal botst en weigert er een te laten liggen.
Interessant is ook dat de roman verschijnt op een moment waarop Brusselmans, inmiddels bijna zeventig, in zijn publieke werk steeds nadrukkelijker terugkijkt op zijn eigen schrijverschap. De reeks Helder van geest lijkt daardoor niet alleen een nieuwe trilogie te worden, maar ook een vorm van zelfportret. Dat maakt de titel dubbelzinnig. Wie is hier eigenlijk de lamzak: de man die niets uitvoert, of de schrijver die zijn hele leven bezig is geweest met het documenteren van zichzelf?
Voorlopig lijkt De lamzak dus vooral veelbelovend voor lezers die belangstelling hebben voor de autobiografische Brusselmans, voor zijn humor en voor zijn merkwaardige vermogen om van een rokende rat, een motor of drie muizen op zolder literair materiaal te maken. De grote test zal zijn of achter de absurditeit ook voldoende verrassing en emotionele lading schuilgaat. De voorpublicaties en boekbeschrijving maken alvast duidelijk dat Brusselmans niet van plan is zijn vertrouwde universum te verlaten. Hij zet het opnieuw in beweging, maar deze keer met de ouder wordende schrijver zelf nadrukkelijk in het midden.
Dat is misschien precies waar de roman interessant kan worden. De man die jarenlang de buitenwereld belachelijk maakte, heeft inmiddels ook iets om zelf mee te lachen: zijn leeftijd, zijn gezin, zijn gewoonten, zijn steeds grotere oeuvre en zijn hardnekkige behoefte om toch vooral geen ernstige schrijver te lijken. De lamzak lijkt daarmee een boek te worden waarin Brusselmans opnieuw dezelfde wereld betreedt, maar er deze keer wat langer naar kijkt. Achter de grappen zou best eens een schrijver kunnen schuilgaan die zich afvraagt hoe lang hij nog kan blijven schrijven alsof er niets is veranderd.
De dood in Venetië
Zeg, ken jij de mosselman?
Een danser in de sneeuw
Lang leve Amerika
Beduveld
Rouwdouwers
De klopjacht op de sneer
Boos meisje
Dutch Americans
De voorlezer
De zaak Alaska Sanders
Een kleine selectie van Librar. elk weekend in uw mailbox?
Miniapolis
Epstein
Een mens is maar een wandelaar
Kort Amerikaans
Het betonnen beleid
Het boek Daniel
Meisjes van krijt
Koper, brons, goud
Taal is zeg maar echt mijn ding
De Hoofdstad
Dans van de luipaard