De verliefde engel is een bijzonder boek binnen het oeuvre van Bart Koubaa. Na jaren vooral als romanschrijver actief te zijn geweest, keert hij hier terug naar de poëzie. Dat doet hij niet met een traditionele dichtbundel, maar met een geëngageerd en verhalend project waarin poëzie wordt ingezet als poging om iets te doen aan een onrecht dat zich ver buiten de eigen leefwereld afspeelt.
Het uitgangspunt is een bezoek dat Koubaa in de zomer van 2022 met zijn gezin aan New York brengt. Tijdens een bezoek aan het hoofdkwartier van de Verenigde Naties mag hij plaatsnemen achter het spreekgestoelte van de Veiligheidsraad. Dat ogenschijnlijk bijzondere moment krijgt een heel andere lading wanneer zijn gedachten afdwalen naar Safia Nazir, een Afghaans meisje dat door haar vader aan een oom werd verkocht. De gedachte die bij hem opkomt is eenvoudig: ik moet iets doen.
Vanaf dat moment ontstaat de poëtische reddingsactie die de bundel vormt. Koubaa probeert Safia een gezicht en een stem te geven, terwijl hij tegelijkertijd worstelt met de vraag wat een schrijver of dichter eigenlijk kan betekenen tegenover een werkelijkheid die zo ver weg is en waarover hij maar beperkte macht heeft.
Dat dilemma maakt de bundel interessanter dan een rechtlijnig geëngageerd pamflet. Koubaa weet immers dat een gedicht geen meisje uit haar situatie kan bevrijden. Toch weigert hij zich bij die machteloosheid neer te leggen. Als hij niets anders kan doen, kan hij in ieder geval haar verhaal vertellen en ervoor zorgen dat zij niet volledig uit het zicht verdwijnt.
Daarmee gaat De verliefde engel ook over de betekenis van literatuur. Wat kan taal veranderen? Waar eindigt betrokkenheid en begint ijdelheid? En wanneer wordt het vertellen over het leed van een ander zelf een vorm van toe-eigening? Koubaa laat die vragen niet buiten de gedichten staan, maar maakt ze onderdeel van zijn zoektocht.
De gedichten zijn opvallend verhalend. De bundel bevat niet alleen korte, lyrische observaties, maar ook langere teksten waarin situaties en gedachten zich herhalend ontwikkelen. Volgens een bespreking in Meander krijgen sommige van die epische gedichten door hun repeterende vorm een bijna bezwerende werking.
Die herhaling past bij het onderwerp. Koubaa probeert als het ware steeds opnieuw woorden te vinden voor iets waarvoor uiteindelijk geen adequate woorden bestaan. Het verhaal van Safia wordt daardoor niet één keer verteld en vervolgens afgesloten; het keert terug, telkens vanuit een iets andere invalshoek.
Ook de titel is betekenisvol. De ‘verliefde engel’ verwijst naar de beschermende, bijna naïeve gedachte dat een dichter iemand door middel van taal zou kunnen redden. Maar Koubaa maakt die gedachte tegelijkertijd problematisch. Een dichter kan de wereld niet herstellen. Hij kan hooguit proberen ervoor te zorgen dat iemand zichtbaar wordt.
Dat wordt scherp verwoord in een van de gedichten: het is volgens de dichter niet de taak van de dichter om Safia’s ziel te redden, maar om haar ziel de moeite van het redden waard te maken.
Daarmee verschuift het accent van daadwerkelijke redding naar betekenis. Safia is voor Koubaa geen abstract slachtoffer van een geopolitiek probleem. Door haar naam steeds opnieuw te noemen, probeert hij haar individualiteit te bewaren. Het is een bescheiden doel, maar juist die bescheidenheid maakt het project geloofwaardiger.
De Verenigde Naties vormen daarbij een interessant decor. Koubaa bevindt zich letterlijk op een plaats waar wereldproblemen worden besproken en waar grote woorden over vrede, veiligheid en mensenrechten worden uitgesproken. Daartegenover staat het concrete lot van één meisje. De afstand tussen internationale politiek en individuele menselijke ellende wordt zo bijna tastbaar.
De bundel bevat bovendien illustraties en is nadrukkelijk als een vormgegeven geheel opgevat. Het is geen dichtbundel waarin de gedichten los van elkaar staan; tekst, beeld en vorm versterken het idee van een zoektocht.
Koubaa’s achtergrond als muzikant is in zijn poëzie eveneens voelbaar. De herhaling, het ritme en de soms lange adem van de gedichten geven de teksten iets dat dicht bij voordracht en muziek ligt. Dat is niet verwonderlijk voor een auteur die zijn literaire loopbaan ooit als dichter begon, maar vervolgens vooral bekend werd als romanschrijver.
Wat De verliefde engel uiteindelijk bijzonder maakt, is de spanning tussen engagement en machteloosheid. Koubaa schrijft omdat hij vindt dat hij iets moet doen, terwijl hij tegelijk beseft dat schrijven nauwelijks voldoende is. Die tegenstelling vormt de emotionele motor van de bundel.
Boos meisje
De kille Kempen
Hamnet
Dagboek van een cipier
Charley Toorop
Hangmatbelegger voor het leven
De bewaker
Konvooi
De zeventiende
Theodoros
Barakstad
Het verdeelde land
De regels van het ciderhuis
Moet literatuur nog verrassen of alleen bevestigen?
Waarom ons klimaat niet naar de knoppen gaat
Rome en Perzië
Stil Leven
De trein van het zijn
De draagmoeder
Bankiers van God en keizer
Roger De Vlaeminck
Herman Koch