Adriaan van Dis heeft altijd een scherp oog gehad voor de eigenaardigheden van het dagelijks leven. In Een beetje gek richt hij die blik nadrukkelijk op zichzelf. In acht korte schetsen schrijft hij over zijn eigen merkwaardigheden en over zijn ervaringen met psychoanalyse. Het resultaat is een kleine, persoonlijke en vaak geestige bundel waarin gekte niet alleen als probleem, maar ook als een vorm van vrijheid en verrijking wordt bekeken.
Van Dis neemt zichzelf daarbij bepaald niet al te serieus. Juist door zijn eigen gedrag, gedachten en eigenaardigheden onder de loep te nemen, ontstaat een portret van een schrijver die nieuwsgierig blijft naar wat er zich in zijn eigen hoofd afspeelt. Psychoanalyse vormt daarbij een belangrijk uitgangspunt, maar Een beetje gek is geen theoretisch boek over psychologie. Het gaat vooral over de mens achter de schrijver en over de vraag wat eigenlijk als normaal moet worden beschouwd.
Dat levert een aardige paradox op. Wie zijn eigen afwijkingen durft te onderzoeken, ontdekt misschien dat gekte helemaal niet zo uitzonderlijk is. Van Dis zoekt dan ook niet naar een scherpe grens tussen normaal en abnormaal. Hij lijkt eerder te suggereren dat iedereen zijn eigenaardigheden heeft en dat het leven interessanter wordt wanneer we die niet allemaal proberen weg te drukken.
De vorm past goed bij die gedachte. Met slechts 52 pagina’s is Een beetje gek een compacte uitgave, opgebouwd uit acht schetsen. Daardoor heeft ieder onderdeel iets van een kleine observatie of gedachteoefening. Van Dis hoeft geen groot verhaal op te bouwen; hij kan in korte vorm een herinnering, gedachte of ervaring uitvergroten en vervolgens weer loslaten.
Zijn toon is daarbij licht en zelfrelativerend. Dat is misschien wel de grootste charme van het boek. Onderwerpen die gemakkelijk zwaar of therapeutisch zouden kunnen worden, behandelt hij met humor. Hij schrijft over zichzelf zonder zichzelf volledig te willen verklaren. Daardoor blijft er ruimte voor twijfel, nieuwsgierigheid en het plezier van het niet helemaal begrijpen.
Tegelijkertijd is Een beetje gek meer dan een verzameling grappige anekdotes. Achter de humor schuilt een serieuze belangstelling voor de manier waarop mensen zichzelf proberen te begrijpen. Wat maakt iemand wie hij is? Welke eigenaardigheden moet je accepteren en welke zou je willen veranderen? En is een zekere mate van gekte misschien juist noodzakelijk om een eigen leven te kunnen leiden?
Voor lezers die van Dis vooral kennen van zijn romans en reisverhalen, biedt deze bundel een andere kijk op zijn schrijverschap. De auteur treedt hier minder op als verteller van andermans verhalen en meer als onderwerp van zijn eigen onderzoek. Dat maakt het boek persoonlijk, maar nooit zwaar op de hand.
De beperkte omvang is tegelijkertijd een kleine beperking. Sommige gedachten worden nauwelijks verder uitgewerkt voordat de volgende schets alweer begint. Wie een diepgravend boek over psychoanalyse verwacht, zal daarvoor te weinig vinden. Een beetje gek is eerder een literaire miniatuur: kort, eigenzinnig en bedoeld om een gedachte in beweging te zetten.
Nirwana
Onvoltooid verleden
Barakstad
De stad
Rome en Perzië
Gezicht van het kwaad
Van God mag je stelen
Een ijzige stilte
Alles komt goed
Revolusi
Teflonbaby
De droom van Poetin
Over welvaart
Halleluja
Thomas Blondeau
Terug naar Congo
De schuilplaats
21 lessen voor de 21ste eeuw
Vindolanda
De smalle mens
Sommige boeken wachten
De vriend