eenzaam boudewijn buch

Eenzaam

De Arbeiderspers 2003 288 pagina's 9789041331038 Paperback

Sommige schrijvers creëren personages. Andere schrijvers creëren een oeuvre. Boudewijn Büch creëerde vooral zichzelf. Dat maakt hem tot een van de meest intrigerende figuren uit de Nederlandse literatuur van de late twintigste eeuw. Dichter, romancier, essayist, televisiepersoonlijkheid, verzamelaar, antiquaar, bibliofiel, reiziger, eilandliefhebber, fantast en mystificator: telkens wanneer men dacht hem te kunnen vastleggen, ontsnapte hij opnieuw. Hij was een man die verhalen vertelde, maar minstens even vaak een verhaal werd.

Eenzaam, verschenen in 1992, behoort tot de boeken waarin die bijzondere verhouding tussen werkelijkheid en verbeelding het duidelijkst zichtbaar wordt. Op het eerste gezicht is het een verzameling essays over afgelegen eilanden, verlaten plaatsen, vuurtorens, schipbreuken, zonderlingen en figuren die zich aan de rand van de wereld bevinden. Maar wie aandachtig leest, ontdekt dat het boek vooral over één persoon gaat: Boudewijn Büch.

Niet toevallig opent zich hier een van de grote paradoxen van zijn leven. Büch zocht voortdurend de eenzaamheid op, maar was tegelijkertijd verslaafd aan aandacht. Hij reisde naar de meest afgelegen plekken ter wereld, maar keerde telkens terug naar televisiecamera’s, literaire podia en volle zalen. Hij verzamelde boeken alsof hij zich wilde omringen met stemmen, terwijl hij tegelijk bleef schrijven over verlatenheid. Dat spanningsveld loopt als een rode draad door zijn bestaan.

Al vroeg ontwikkelde Büch een bijna obsessieve liefde voor Robinson Crusoe, het beroemde personage van Daniel Defoe. De figuur van de schipbreukeling die een eigen wereld moet opbouwen op een verlaten eiland zou hem zijn hele leven blijven achtervolgen. Niet alleen omdat eilanden hem fascineerden, maar omdat Robinson Crusoe een fundamentele menselijke droom verbeeldt: de mogelijkheid om opnieuw te beginnen, los van afkomst, geschiedenis en werkelijkheid. Wie Büchs levensverhaal kent, begrijpt waarom die droom zo aantrekkelijk was.

Gedurende zijn carrière vertelde hij talloze verhalen over zichzelf die later geheel of gedeeltelijk verzonnen bleken. Hij beweerde een zoon te hebben verloren aan kanker. Hij vertelde over traumatische jeugdgebeurtenissen die niet altijd overeenkwamen met wat familieleden later vertelden. Hij bouwde zorgvuldig aan een autobiografie waarin feit en fictie voortdurend door elkaar liepen. Sommige critici beschouwden dat als bedrog. Maar misschien is die verklaring te eenvoudig.

Bij Büch lijkt fantasie niet uitsluitend een bewuste manipulatie van de werkelijkheid te zijn geweest. Vaker lijkt ze een tweede natuur. Alsof hij de wereld niet alleen wilde beschrijven, maar ook voortdurend wilde herscheppen. Alsof het leven voor hem pas werkelijk interessant werd wanneer het de contouren van een verhaal aannam. Daarin verschilt hij opvallend van veel andere schrijvers.

Waar anderen fictie gebruiken om de werkelijkheid beter te begrijpen, gebruikte Büch de werkelijkheid om fictie mogelijk te maken. Hij verzamelde niet alleen boeken; hij verzamelde werelden. Zijn legendarische bibliotheek bevatte tienduizenden werken. Darwin, Goethe, Kafka, Byron, Shakespeare, ontdekkingsreizigers, wetenschappelijke curiositeiten, vergeten encyclopedieën, boeken over dodo’s, eilanden en uitgestorven dieren: alles wat een alternatieve werkelijkheid kon openen, trok zijn aandacht. Zijn verzameldrift was geen hobby maar een levenshouding.

Diezelfde houding verklaart wellicht zijn fascinatie voor eilanden. In de geografische zin zijn eilanden begrensde ruimtes. In de verbeelding zijn ze precies het tegenovergestelde. Op een eiland kan alles gebeuren. Een eiland is een blanco bladzijde. Een laboratorium van mogelijkheden. Een plek waar de gewone regels tijdelijk worden opgeschort. Büch reisde de wereld rond op zoek naar zulke plaatsen.

De televisiereeksen die hij maakte over eilanden behoren nog steeds tot het meest originele dat de Nederlandse televisie heeft voortgebracht. Hij bezocht plekken die voor de meeste kijkers nauwelijks bestonden: Tristan da Cunha, Sint-Helena, Paaseiland, afgelegen rotsen in oceanen waarvan de meeste mensen niet eens wisten dat ze bestonden. Officieel ging het over geografie. In werkelijkheid ging het over verlangen. Over de gedachte dat ergens, achter de horizon, een plek bestaat waar het leven begrijpelijker wordt. Maar telkens opnieuw bleek dat paradijs onbereikbaar.

Daarom is Eenzaam uiteindelijk geen romantisch boek. Het is een melancholisch boek. Onder de humor, de eruditie en de anekdotes schuilt een diep besef dat geen enkel eiland de mens werkelijk kan redden van zichzelf. De eenzaamheid waarover Büch schrijft is niet geografisch. Ze bevindt zich niet op een oceaan of achter een vuurtoren. Ze bevindt zich in de mens zelf.

Dat maakt de slotzin van het boek des te betekenisvoller. Wanneer hij schrijft dat hij soms droomt dat hij de wereld heeft gefantaseerd, lijkt dat op het eerste gezicht een speelse gedachte. Maar ze raakt aan iets fundamentelers. Büch leefde in een universum waarin herinneringen, dromen, verlangens en feiten voortdurend in elkaar overvloeiden.

De vraag of iets werkelijk gebeurd was, leek voor hem minder belangrijk dan de vraag of het betekenis had. Misschien verklaart dat ook waarom hij nog steeds zoveel fascinatie oproept. We leven in een tijd waarin authenticiteit als hoogste deugd wordt beschouwd. Büch vertegenwoordigde bijna het tegenovergestelde. Hij was een schrijver die maskers droeg, verhalen verzon en zijn eigen biografie herschreef. Toch bleef hij geloofwaardig. Niet omdat zijn verhalen waar waren, maar omdat de emoties erachter echt leken. Zijn hunkering naar schoonheid, kennis, liefde, avontuur en erkenning was authentiek, zelfs wanneer de feiten dat soms niet waren.

Meer dan twintig jaar na zijn dood blijft Boudewijn Büch daardoor een moeilijk te plaatsen figuur. Was hij een schrijver? Een performer? Een fantast? Een mythomaan? Een melancholicus? Een verzamelaar die zichzelf verzamelde? Waarschijnlijk was hij van alles iets. En precies daarom blijft hij zo boeiend.

Zoals de eilanden die hij zijn leven lang zocht, ligt ook Boudewijn Büch ergens tussen werkelijkheid en verbeelding. Niet volledig bereikbaar, nooit helemaal te begrijpen, maar onmogelijk om te vergeten.

Scroll naar boven
Librar
Privacyoverzicht

Deze site maakt gebruik van cookies, zodat wij je de best mogelijke gebruikerservaring kunnen bieden. Cookie-informatie wordt opgeslagen in je browser en voert functies uit zoals het herkennen wanneer je terugkeert naar onze site en helpt ons team om te begrijpen welke delen van de site je het meest interessant en nuttig vindt.