Filip De Pillecyn laat zich moeilijk in één zin vangen. Hij was schrijver, journalist, flamingant, oud-strijder, katholiek, antimilitarist en antifascist, maar tijdens de Duitse bezetting werd hij ook een belangrijke figuur binnen de nieuwe culturele orde in Vlaanderen. Na de oorlog werd hij veroordeeld wegens collaboratie en belandde hij in de gevangenis. Daar schreef hij Mensen achter de dijk, een van de belangrijkste romans uit zijn oeuvre.
Precies die tegenstrijdigheden maken hem tot een fascinerend biografisch onderwerp. In Filip De Pillecyn. Een biografie probeert Chris Ceustermans niet om de schrijver van één definitief etiket te voorzien. Hij volgt vooral de ontwikkeling van een man wiens idealisme hem door verschillende politieke en historische werelden voerde.
Ceustermans noemt De Pillecyn iemand die leefde op de breuklijnen van zijn tijd. Dat is een treffende omschrijving. De Pillecyn werd geboren in 1891 en groeide op in een Vlaanderen waarin taal, religie en sociale positie sterk met elkaar verbonden waren. Zijn Vlaamse bewustzijn ontwikkelde zich tijdens zijn jeugd en studentenjaren, maar de Eerste Wereldoorlog zou die overtuiging ingrijpend veranderen.
Als soldaat aan het IJzerfront werd De Pillecyn geconfronteerd met de werkelijkheid van de oorlog. Hij zag er niet alleen de menselijke verwoesting, maar botste ook met de Franstalige militaire hiërarchie. Zijn ervaringen aan het front zouden een blijvende invloed hebben op zijn politieke overtuigingen en op zijn latere schrijverschap. Ceustermans reconstrueerde hiervoor onder meer de briefwisseling tussen De Pillecyn en zijn vriend Leo De Naeyer, die kort voor de wapenstilstand van 1918 sneuvelde.
De oorlog maakte van De Pillecyn een overtuigde Vlaamsgezinde. Hij werd een belangrijke figuur binnen de Frontbeweging en zou later betrokken raken bij de oprichting van De Standaard. Daar werkte hij als journalist en kwam hij in contact met de politieke en culturele machtsstructuren van het naoorlogse Vlaanderen.
Maar De Pillecyn bleef niet eenvoudig binnen één politieke beweging passen. Tijdens het interbellum groeide zijn wantrouwen tegenover partijpolitiek. De Vlaamsgezinde idealen waarmee hij ooit was begonnen, raakten volgens hem steeds meer verstrikt in eigenbelang, machtsstrijd en politieke berekening. Tegelijkertijd ontwikkelde hij zich tot een uitgesproken tegenstander van militarisme en fascisme.
Dat maakt de latere collaboratie des te moeilijker te begrijpen.
Tijdens de Duitse bezetting werd De Pillecyn namelijk zelf een van de architecten van de nieuwe culturele orde in Vlaanderen. Het is deze ontwikkeling die Ceustermans als biograaf bijzonder interesseert. Hoe kan een schrijver die eerder door oorlog en geweld gevormd werd, die antimilitaristisch en antifascistisch was, uiteindelijk betrokken raken bij een cultuurpolitiek die onder Duitse bezetting tot stand kwam?
Het is de centrale paradox van het boek, maar Ceustermans probeert haar niet met één verklaring op te lossen.
Dat is een van de sterke kanten van de biografie. De Pillecyn wordt niet achteraf vrijgesproken omdat hij een groot schrijver was, maar ook niet gereduceerd tot zijn veroordeling als collaborateur. Ceustermans probeert te begrijpen hoe idealisme, Vlaams nationalisme, teleurstelling in de bestaande maatschappij en de politieke omstandigheden van de jaren dertig en veertig elkaar konden versterken.
Daarbij maakt hij gebruik van een omvangrijk archiefonderzoek. Het Letterenhuis speelt een belangrijke rol, maar ook archieven buiten de literaire wereld waren noodzakelijk. De columns van De Pillecyn in bladen als De Vlaamsche Oudstrijder konden bijvoorbeeld worden bestudeerd in het ADVN. Daardoor ontstaat een beeld dat niet uitsluitend uit literaire herinneringen is opgebouwd.
Dat archiefwerk levert soms juist de meest menselijke details op. Ceustermans beschrijft bijvoorbeeld hoe De Pillecyn tijdens zijn jaren bij De Standaard zijn dochter verwende met extra rondjes op een paardenmolen in Ganshoren. Later, na zijn veroordeling, schreef hij vanuit de gevangenis brieven aan diezelfde dochter. In die brieven probeerde hij haar moed in te spreken, terwijl hij zijn eigen wanhoop elders uitte.
Die persoonlijke documenten voorkomen dat de politieke De Pillecyn de literaire De Pillecyn volledig overschaduwt.
Want uiteindelijk gaat deze biografie ook over een schrijver.
De Pillecyns literaire werk ontstond niet los van zijn ervaringen. Zijn romans zijn sterk verbonden met landschappen, herinneringen, oorlog en de sociale werkelijkheid van Vlaanderen. Hans van Malmedy en vooral Monsieur Hawarden tonen een schrijver met een grote belangstelling voor identiteit, verlangen en de spanning tussen individu en omgeving.
Monsieur Hawarden, verschenen in 1935, is in dat opzicht een bijzonder werk. De roman vertelt over een vrouw die als man door het leven gaat en laat zien dat De Pillecyn ook buiten de directe politieke actualiteit een schrijver was die zich aangetrokken voelde tot complexe identiteitsvragen.
Maar het hoogtepunt van zijn schrijverschap kwam na de oorlog.
Na zijn veroordeling wegens collaboratie zat De Pillecyn jarenlang gevangen. Voor een schrijver die zo sterk verbonden was met het openbare en culturele leven moet die gedwongen afzondering bijzonder ingrijpend zijn geweest. Toch werd de gevangenis ook de plaats waar hij een van zijn belangrijkste werken schreef: Mensen achter de dijk.
Dat gegeven krijgt in Ceustermans’ biografie een bijzondere betekenis. In brieven uit de gevangenis beschreef De Pillecyn hoe zwaar het was om jarenlang in een cel te leven: zomers zonder bloemen, herfst zonder vruchten, vogels die hij niet kon zien. Tegelijkertijd beschouwde hij zijn literaire werk als een geestelijke reddingsboei. Het schrijven gaf hem niet alleen een manier om de tijd door te komen, maar ook een mogelijke bron van inkomsten voor zijn dochter.
Mensen achter de dijk krijgt daardoor een extra dimensie. De roman is niet alleen een terugkeer naar het Vlaanderen van zijn jeugd. Het werd geschreven door iemand die zelf letterlijk achter muren zat en terugkeek op een wereld die inmiddels ingrijpend veranderd was.
Ceustermans heeft eerder over schrijvers geschreven wier leven en werk sterk met de Vlaamse geschiedenis verbonden zijn. Na zijn biografie van Emmanuel de Bom en zijn eerdere werk over J. M. H. Berckmans is Filip De Pillecyn. Een biografie opnieuw een poging om een schrijver niet geïsoleerd van zijn tijd te bekijken. Bij De Pillecyn is dat bijna onvermijdelijk: zijn leven loopt dwars door een van de meest turbulente periodes van de Vlaamse twintigste eeuw.
Toch is de biografie niet alleen interessant voor wie zich voor de Vlaamse Beweging interesseert. De politieke geschiedenis vormt de achtergrond, maar de eigenlijke vraag is veel menselijker: hoe verandert een overtuiging wanneer de wereld waarin ze ontstond verandert?
De Pillecyn begon als een jonge Vlaamse idealist. De oorlog radicaliseerde hem. De teleurstellingen van het interbellum maakten hem wantrouwig tegenover partijpolitiek. Vervolgens bracht de bezetting hem in een positie waarin hij zelf onderdeel werd van een politiek systeem dat hij vanuit bepaalde overtuigingen aanvankelijk misschien juist had willen bestrijden. Na de bevrijding volgden gevangenschap, vernedering en een jarenlange strijd om opnieuw als schrijver te kunnen functioneren.
Daarmee krijgt de biografie uiteindelijk ook een melancholische ondertoon. De Pillecyn was voortdurend op zoek naar een samenleving waarin zijn idealen konden bestaan, maar zag die samenleving telkens veranderen in iets anders. De oorlog vernietigde een wereld, de politieke ontwikkelingen van het interbellum brachten nieuwe teleurstellingen en de naoorlogse repressie maakte hem zelf tot iemand die buiten de samenleving kwam te staan.
Slaap lekker
De schaduw van Kolwezi
Cum fraude
Remco Evenepoel
Oscar Wilde’s crucifix
Het verdampte land
Epstein
Eén boek per dorp
De eeuwige jachtvelden
Komt een vrouw bij de dokter
De slinger van Foucault
Een kleine selectie van Librar. elk weekend in uw mailbox?
Een heel klein beetje vrede
In goede en kwade dagen
Boek vol levens
Het nulnummer
Open hemel
Alles wordt anders
Paula
Contouren
Mama Tandoori
De stem van mijn stilte
Waarom vertrouwen we dikke boeken meer?