Er verschijnen tegenwoordig talloze boeken over kunstmatige intelligentie. De meeste proberen uit te leggen hoe AI werkt, voorspellen de toekomst of waarschuwen voor de risico’s. Joanna Stern kiest een heel andere aanpak. Ze schrijft geen theoretische analyse, maar gebruikt zichzelf als proefpersoon. Gedurende een jaar besluit ze kunstmatige intelligentie zo veel mogelijk haar dagelijks leven te laten bepalen. Van gezondheidszorg en huishoudelijke taken tot reizen, onderwijs, werk en persoonlijke relaties: telkens krijgt AI als eerste de kans om het probleem op te lossen. Dat journalistieke experiment vormt de kern van Ik ben geen robot.
Die opzet maakt het boek direct onderscheidend. Stern onderzoekt AI niet vanuit een laboratorium of een bestuurskamer, maar vanuit de keuken, de auto, de woonkamer en het gezin. Ze rijdt mee in zelfrijdende taxi’s, vertrouwt op AI bij medische onderzoeken, experimenteert met digitale coaches en chatbotrelaties en laat algoritmen steeds vaker meedenken over alledaagse beslissingen. Het resultaat is een reeks ervaringen die soms verrassend effectief blijken, soms ronduit absurd zijn en geregeld ook ongemakkelijk aanvoelen.
Juist daarin schuilt de kracht van het boek. Stern behoort niet tot het kamp dat AI als de oplossing voor alle problemen beschouwt, maar evenmin tot de critici die elke technologische ontwikkeling met wantrouwen benaderen. Dat levert een evenwichtige benadering op waarin enthousiasme en scepsis voortdurend naast elkaar bestaan. Ze laat zien dat AI sommige taken indrukwekkend goed uitvoert, maar dat dezelfde technologie ook nieuwe vragen oproept over privacy, afhankelijkheid, authenticiteit en menselijk contact.
Wat Ik ben geen robot bovendien bijzonder leesbaar maakt, is Sterns gevoel voor humor. Wie haar video’s voor The Wall Street Journal kent, herkent onmiddellijk haar stijl. Ze neemt de technologie serieus, maar zichzelf nooit. De soms bizarre experimenten leveren regelmatig komische scènes op, zonder dat het boek ontaardt in een verzameling anekdotes. Achter de humor schuilt steeds een wezenlijke vraag: welke taken willen we werkelijk aan machines overlaten, en welke horen onlosmakelijk bij het mens-zijn?
Toch kent de gekozen vorm ook een beperking. Doordat Stern zich volledig onderdompelt in de huidige generatie AI-producten, is een deel van de beschreven technologie onvermijdelijk aan verandering onderhevig. De ontwikkelingen gaan zo snel dat sommige voorbeelden binnen enkele jaren verouderd kunnen aanvoelen. Stern lijkt zich daarvan bewust. Haar boek pretendeert nergens het laatste woord over AI te spreken, maar presenteert zich eerder als een momentopname van een technologische revolutie die zich nog volop ontvouwt.
Waar auteurs als Yuval Noah Harari, Mustafa Suleyman of Kai-Fu Lee vooral vanuit een historisch, filosofisch of economisch perspectief naar kunstmatige intelligentie kijken, kiest Stern voor de ervaring van de gewone gebruiker. Ze vraagt niet alleen wat AI in theorie kan betekenen, maar vooral hoe het voelt wanneer algoritmen zich steeds nadrukkelijker met je dagelijks leven bemoeien. Daardoor blijft het boek verrassend concreet en herkenbaar.
Ik ben geen robot is uiteindelijk minder een boek over technologie dan over menselijke keuzes. Joanna Stern maakt overtuigend duidelijk dat kunstmatige intelligentie ons leven waarschijnlijk ingrijpend zal veranderen, maar dat de belangrijkste vraag niet is wat machines straks allemaal kunnen. De wezenlijke vraag is hoeveel ruimte wij bereid zijn hun te geven. Daarmee levert zij een van de toegankelijkste en meest genuanceerde boeken over AI die tot nu toe voor een breed publiek zijn verschenen.
Dood in Berlijn
De oratoria van Alessandro Scarlatti (1660–1725)
Hakenkruis in het knoopsgat
Het was mijn verdomde plicht
De lamzak
Het verdampte land
Nirwana
De kuren van Komrij
Queer geschiedenis van Nederland
Johnny Coconut
Een danser in de sneeuw
Een kleine selectie van Librar. elk weekend in uw mailbox?
Vlaamse vergezichten
De helaasheid der dingen
Afscheid van de handkus
De babyboomerbiljoenen
Baltische zielen
Joegoslavië
De zwarte met het witte hart
De ontdekking van de hemel
Nachtstad
De idioot
Veel mensen dromen niet van schrijven, ze dromen van auteur zijn