Zijn alle psychiaters gek? Waarschijnlijk niet. Maar voor Johnny Rocco – in het criminele milieu beter bekend als Johnny Coconut – is die vraag eigenlijk van ondergeschikt belang.
Een verkeerde beslissing kan een mensenleven voorgoed bepalen. In Florida, waar deze roman zich afspeelt, is de afstand tussen vrijheid en een levenslange gevangenisstraf bijzonder klein. Johnny heeft zich neergelegd bij zijn veroordeling, maar wanneer de autoriteiten hem ook de moord op zijn celgenoot in de schoenen proberen te schuiven, bereikt hij zijn grens. Zelfs een veroordeelde heeft zijn eigen gevoel voor rechtvaardigheid.
Johnny belandt op de psychiatrische afdeling van de gevangenis. Voor velen zou dat het eindpunt van alle hoop betekenen. Niet voor hem. Hij observeert, zwijgt en wacht. Zijn behandelend psychiater, Bob Malbo, wordt langzaam maar zeker het middelpunt van een psychologisch schaakspel waarin geen van beide mannen nog volledig controle lijkt te hebben. Johnny analyseert zijn arts met een bijna klinische precisie. Hij heeft één wapen dat niemand hem kan afnemen: geduld. Eindeloos veel geduld.
Met Johnny Coconut levert Lars de Brabander een verrassend eigenzinnige psychologische thriller af. Achter het verhaal over misdaad en gevangenschap schuilt een roman die vooral geïnteresseerd is in de menselijke geest. De Brabander fileert niet alleen het Amerikaanse gevangenissysteem, maar laat vooral zien hoe macht, schuld, manipulatie en kwetsbaarheid voortdurend van eigenaar wisselen. Wie is patiënt en wie behandelt? Wie manipuleert wie? Het zijn vragen die steeds nadrukkelijker op de voorgrond treden.
De grootste verdienste van de roman is misschien wel dat de auteur zijn personages nergens reduceert tot helden of schurken. Vrijwel iedereen draagt littekens mee en handelt vanuit een mengeling van angst, ambitie en overlevingsdrang. Daardoor blijft de spanning niet beperkt tot de vraag hoe het verhaal zal aflopen; minstens zo intrigerend is de vraag wat er zich afspeelt achter de maskers die de personages voor elkaar én voor zichzelf ophouden.
Dit is geen thriller die je gedachteloos wegleest op een regenachtige zondagmiddag, onder een plaid, met een slapende hond aan je voeten en een dampende kop muntthee binnen handbereik. Daarvoor vraagt het boek te veel aandacht. Nee, Johnny Coconut wil gelezen worden met volledige overgave. De Brabander daagt zijn lezers uit om tussen de regels door te kijken en zich mee te laten voeren in een verhaal waarin niets helemaal is wat het lijkt.
Toen ik de laatste bladzijde omsloeg, merkte ik tot mijn verbazing dat ik nauwelijks kritiekpunten kon formuleren. Om mijn enthousiasme te toetsen, gaf ik het boek aan mijn buurvrouw. Enkele dagen later legde ze het terug op tafel met slechts één opmerking:
“Van deze jongen gaan we nog horen.”
Of ze daarmee Johnny Coconut bedoelde of Lars de Brabander zelf, heb ik haar nooit gevraagd. Eigenlijk maakt het ook niet uit.
De ondergang van Rome
Het was mijn verdomde plicht
De man die quizvraag wilde worden
Rouwdouwers
Levensvonk
Eén vierkante kilometer ellende
Dwars door Afrika
Vallen is als vliegen
Johann Friedrich Herbart, grondlegger van de pedagogiek
Minnaar tegen elke prijs
Een gevaarlijke schoonheid
Manu van der Aa
Lázár
Het boek alfa
60 Et alors?
De geheime tuin
Literaire vendetta’s
Wildevrouw
Visser
De Hoofdstad
Bach dag na dag
Zomerhuis met zwembad