Nagelaten gedichten is geen nieuwe dichtbundel, maar een postume kennismaking met werk dat Anton van Wilderode tijdens zijn leven niet of slechts verspreid publiceerde. Patrick Lateur stelde uit de omvangrijke nalatenschap een selectie samen. Volgens Lateur was die nalatenschap qua omvang minstens vergelijkbaar met het reeds gepubliceerde dichtwerk. De bundel uit 2005 biedt daardoor niet alleen aanvullend materiaal, maar ook een blik op gedichten die buiten de definitieve keuzes van de dichter waren gebleven.
Lateur heeft de gedichten niet chronologisch gerangschikt, maar ondergebracht in zeven thema’s: schrijven, herinneren, wonen, reizen, lezen, verbeelden en geloven. Die indeling is niet door van Wilderode zelf aangebracht, maar door de samensteller. Ze zorgt ervoor dat gedichten uit verschillende perioden naast elkaar kunnen komen te staan en maakt vooral zichtbaar hoe vaak dezelfde motieven in zijn werk terugkeren. Tegelijkertijd bepaalt de thematische ordening sterk hoe de lezer naar de dichter kijkt. Lateur heeft later zelf erkend dat deze aanpak het beeld van Van Wilderode mogelijk enigszins kan kleuren.
Toch werkt die ordening overtuigend wanneer het gaat om van Wilderodes verhouding tot de wereld om hem heen. In de gedichten over herinneren en wonen krijgt het verleden een belangrijke plaats. Landschappen, huizen, plaatsen en familieherinneringen worden geen vrijblijvende decorstukken, maar manieren om vast te houden wat voorbijgaat. De dichter kijkt vaak terug zonder dat die terugblik uitsluitend nostalgisch wordt. Onder de ogenschijnlijk eenvoudige observaties ligt steeds het besef dat herinneringen veranderen zodra de tijd eroverheen is gegaan.
Die toegankelijkheid is kenmerkend voor veel van de geselecteerde gedichten. Van Wilderode kiest doorgaans niet voor een experimentele vorm, maar voor een beheerste, klassieke versbouw. Zijn taal kan eenvoudig lijken, terwijl de gedichten juist door hun ritme, klank en precieze formulering meer lagen krijgen. Een bespreking van zijn werk typeerde die kwaliteit treffend als een vorm van ‘bedrieglijke eenvoud’. De gedichten vragen daardoor minder om ontcijfering dan om aandachtig lezen.
Dat ambachtelijke karakter wordt vooral duidelijk in de manier waarop van Wilderode gewone ervaringen verdiept. Een landschap, een reis of een herinnering blijft zelden alleen wat hij op het eerste gezicht lijkt. De concrete werkelijkheid wordt een aanleiding om na te denken over tijd, vergankelijkheid en menselijke aanwezigheid. Ook het schrijven zelf wordt onderwerp van reflectie. In Poëtica stelt van Wilderode de dichter niet voor als een almachtige schepper, maar juist als iemand die probeert de woorden bijeen te houden. Daarmee krijgt zijn poëzie een opmerkelijke bescheidenheid tegenover het eigen dichterschap.
De afdeling Geloven brengt een andere laag naar voren. Als priester en dichter waren religie en literatuur bij van Wilderode nauw met elkaar verbonden, maar zijn geloofspoëzie is niet uitsluitend verkondigend. In de persoonlijke hertaling van passages uit Prediker bijvoorbeeld krijgt de religieuze traditie een uitgesproken poëtische vorm. De Bijbelse thematiek van vergankelijkheid, ijdelheid en menselijke beperktheid sluit bovendien aan bij motieven die ook elders in zijn werk aanwezig zijn. Daardoor voelt deze afdeling minder als een afzonderlijk religieus domein dan als een verdieping van vragen die de hele bundel doorkruisen.
Ook zijn omgang met literatuur valt op. Van Wilderode was classicus en vertaler van onder meer Vergilius en Horatius, en de klassieke traditie vormt een vanzelfsprekend onderdeel van zijn culturele achtergrond. In Nagelaten gedichten verschijnt die eruditie echter niet voortdurend als geleerd vertoon. Lezen wordt zelf een vorm van herinneren, reizen en verbeelden. De dichter beweegt tussen zijn eigen ervaringen en de teksten die hem gevormd hebben, waardoor zijn poëzie tegelijk persoonlijk en literair geworteld blijft.
De belangrijkste beperking van de bundel ligt misschien juist in zijn status als selectie uit nagelaten werk. Niet alles wat een dichter achterlaat, heeft dezelfde kwaliteit als wat hij tijdens zijn leven bewust publiceert. De samensteller heeft daarom terecht een selectie gemaakt, maar de vraag blijft welke gedichten Van Wilderode zelf uiteindelijk zou hebben behouden. Lateur heeft verklaard dat hij in eerste instantie vooral op kwalitatieve criteria selecteerde, maar later twijfels had over de mate waarin zijn thematische ordening het beeld van de dichter beïnvloedde. Dat besef is belangrijk bij het lezen van de bundel: Nagelaten gedichten is geen laatste, door de dichter zelf geautoriseerde fase van zijn oeuvre, maar een zorgvuldig samengestelde interpretatie van zijn nalatenschap.
Juist daardoor is het boek interessant voor wie van Wilderode al kent. Het laat bekende motieven opnieuw verschijnen, maar soms vanuit een minder definitieve of meer persoonlijke invalshoek. Voor een eerste kennismaking met zijn poëzie is de bundel eveneens toegankelijk, al geeft de selectie geen volledig beeld van zijn ontwikkeling. Daarvoor is het eerder een aanvulling op zijn gepubliceerde werk dan een representatieve bloemlezing van zijn hele dichterschap.
Nagelaten gedichten toont uiteindelijk vooral hoe consequent bepaalde vragen in van Wilderodes poëzie aanwezig blijven: hoe herinneringen standhouden, wat een plaats voor een mens betekent, hoe taal ervaringen kan bewaren en hoe geloof en sterfelijkheid zich tot elkaar verhouden. De bundel mist vanzelfsprekend de eenheid die een dichter zelf aan een nieuwe verzameling had kunnen geven, maar de selectie van Patrick Lateur maakt wel zichtbaar hoe herkenbaar van Wilderodes stem blijft buiten zijn officiële oeuvre. De kracht zit niet in vernieuwing, maar in de zorgvuldige manier waarop hij het bekende steeds opnieuw onder woorden brengt.
Odyssee
Bijna altijd prijs
Dutch Americans
Slauerhoff – Biografie
Operatie Gladio
De tussentijd
Daar zit een boek in!
De ondergang van Rome
Opwaaiende zomerjurken
Eenzaam
De tijden
Een kleine selectie van Librar. elk weekend in uw mailbox?
Het voorspel
De liefdesbrief
Regensoldaten
Welke kunst verdient belastinggeld?
Daar waar de rivierkreeften zingen
Hamnet
Céline
Mist
Epstein
De stille Amerikaan
De flauwgevallen priester op mijn tong