Nevermore

Uitgeverij Oevers 2026 254 pagina's 9789493367708 Paperback

Sommige romans gaan over verlies. Andere proberen te begrijpen wat verlies met taal doet. Nevermore van Cécile Wajsbrot behoort tot die tweede categorie. Het is een beschouwende en uiterst literaire roman waarin rouw, herinnering, vernietiging en vertalen voortdurend in elkaar overvloeien. Wajsbrot schrijft een boek voor lezers die niet alleen willen weten wat een verhaal vertelt, maar ook geïnteresseerd zijn in de manier waarop taal betekenis probeert vast te houden.

De naamloze hoofdpersoon reist naar Dresden nadat een vriendin is overleden. Ze wil zich daar wijden aan de vertaling van het middendeel Time Passes uit Virginia Woolfs To the Lighthouse. Die keuze is veelzeggend. Woolfs tekst gaat zelf over tijd, afwezigheid en verlies en vormt daardoor een spiegel voor de rouw waarin de verteller zich bevindt.

Het vertalen wordt vervolgens veel meer dan een literaire opdracht. Iedere zin van Woolf opent nieuwe vragen. Hoe vertaal je een tekst waarin tijd zelf bijna een personage wordt? Hoe breng je de betekenis van woorden over van de ene taal naar de andere zonder iets van hun oorspronkelijke lading te verliezen? En wat gebeurt er wanneer een vertaler geconfronteerd wordt met het besef dat een perfecte vertaling onmogelijk is?

Wajsbrot maakt van die onzekerheid een van de centrale thema’s van de roman. Vertalen wordt bij haar een poging tot herstel. Een tekst wordt uit de ene taal losgemaakt en in een andere opnieuw opgebouwd. Daarbij gaat onvermijdelijk iets verloren, maar ontstaat ook iets nieuws. Precies daarin ziet de schrijfster een parallel met rouw: ook na een verlies moet een mens proberen verder te leven zonder datgene wat verdwenen is werkelijk terug te kunnen brengen.

Vanuit Dresden breidt de roman zich uit naar een veel groter Europees en zelfs mondiaal geheugenlandschap. De verteller denkt na over het bombardement op Dresden, over de ramp van Tsjernobyl, over de evacuatie van het Schotse eiland Foula en over verschillende kunstwerken waarin vernietiging, tijd en herstel centraal staan. Ook de High Line in New York, de zeegezichten van Hiroshi Sugimoto, Debussy’s La cathédrale engloutie en Ceri Richards’ schilderijenserie komen voorbij.

Op papier lijkt dat een grote verzameling onderwerpen, maar Wajsbrot weet ze met elkaar te verbinden. Steeds keert dezelfde vraag terug: wat blijft er over wanneer iets vernietigd is? Een gebouw kan verdwijnen, een landschap veranderen, een stad worden verwoest, een geliefde sterven en een taal nooit exact hetzelfde betekenen in een andere taal. Toch blijven sporen bestaan. Soms in kunst, soms in herinneringen, soms in woorden.

Dresden vormt daarbij een bijzonder betekenisvolle achtergrond. De stad draagt letterlijk de sporen van vernietiging en wederopbouw. Voor de verteller wordt de stad daardoor een plaats waarin het verleden voortdurend aanwezig is, terwijl het hedendaagse leven gewoon doorgaat. De tegenstelling tussen verwoesting en herstel krijgt zo een concrete vorm.

De kracht van Nevermore ligt vooral in de taal. Wajsbrot schrijft langzaam, precies en associatief. Dit is geen roman waarin de plot de lezer voortstuwt. De beweging ontstaat uit gedachten, beelden en verbindingen tussen kunstwerken, plaatsen en herinneringen. Dat maakt het boek veeleisend, maar ook bijzonder rijk.

De naamloze verteller versterkt het universele karakter van de roman. Zij is minder een traditioneel romanpersonage dan een bewustzijn waarin verschillende vormen van verlies samenkomen. Haar persoonlijke rouw wordt voortdurend verbonden met historische en culturele herinneringen. Daardoor wordt de dood van één vriendin nooit gereduceerd tot een privéverhaal, maar krijgt het verdriet een veel bredere menselijke betekenis.

De titel Nevermore verwijst naar het onherroepelijke. Wat verdwenen is, keert niet terug. Tegelijkertijd spreekt de roman die gedachte voortdurend tegen. Kunst kan een verdwenen wereld opnieuw zichtbaar maken. Een vertaling kan een oude tekst opnieuw laten klinken. Een verwoeste stad kan opnieuw worden opgebouwd. Herinneringen kunnen een gestorvene opnieuw aanwezig maken.

Dat is uiteindelijk de meest hoopvolle gedachte van het boek. Herstel betekent niet dat het verleden ongedaan kan worden gemaakt. Het betekent dat wat verloren is gegaan een nieuwe vorm kan krijgen. Vertalen wordt zo een metafoor voor het menselijk bestaan zelf: voortdurend proberen we iets te bewaren, wetend dat iedere poging onvolmaakt is.

Nevermore is daarom geen gemakkelijk boek. Wie een duidelijke plot en veel actie zoekt, zal weinig houvast vinden. Maar voor lezers die plezier beleven aan literatuur die zich langzaam ontvouwt en voortdurend nieuwe verbanden legt tussen kunst, geschiedenis en taal, biedt Wajsbrot veel.

Scroll naar boven
Librar
Privacyoverzicht

Deze site maakt gebruik van cookies, zodat wij je de best mogelijke gebruikerservaring kunnen bieden. Cookie-informatie wordt opgeslagen in je browser en voert functies uit zoals het herkennen wanneer je terugkeert naar onze site en helpt ons team om te begrijpen welke delen van de site je het meest interessant en nuttig vindt.