Wie aan het Romeinse Rijk denkt, ziet meestal legioenen die Gallië veroveren, Carthago vernietigen of Brittannië onderwerpen. Veel minder bekend is dat Rome gedurende bijna zeven eeuwen een tegenstander kende die het nooit wist te verslaan: het Parthische en later het Sassanidische Perzische Rijk. In Rome en Perzië vertelt Adrian Goldsworthy het verhaal van deze uitzonderlijk lange machtsstrijd tussen de twee grootste supermachten van de oudheid.
Goldsworthy maakt al snel duidelijk dat de verhouding tussen Rome en Perzië veel complexer was dan een aaneenschakeling van oorlogen. Hoewel beide rijken regelmatig met elkaar in conflict kwamen, leefden zij veel vaker naast elkaar in een gespannen evenwicht. Diplomatie, handel, culturele uitwisseling en wederzijds respect speelden minstens zo’n grote rol als veldslagen. Daarmee doorbreekt de auteur het traditionele beeld van een onafgebroken botsing tussen Oost en West.
Het boek bestrijkt een indrukwekkende periode, van de eerste confrontaties tussen de Romeinse Republiek en de Parthen in de eerste eeuw voor Christus tot de val van het Sassanidische Rijk tijdens de Arabische veroveringen in de zevende eeuw. Bekende gebeurtenissen, zoals de vernietigende nederlaag van Crassus bij Carrhae, de gevangenneming van keizer Valerianus en de veldtochten van Trajanus, Julianus Apostata en Heraclius, krijgen uitgebreid aandacht. Goldsworthy plaatst deze militaire confrontaties echter steeds binnen een groter politiek en economisch geheel, waardoor de geschiedenis van beide rijken meer wordt dan een chronologische opsomming van oorlogen.
Zoals in zijn eerdere boeken blinkt Goldsworthy uit in helderheid. Hij schrijft toegankelijk zonder de historische nuance te verliezen en weet ingewikkelde dynastieke ontwikkelingen overzichtelijk te presenteren. Zijn grootste verdienste is wellicht dat hij de Perzen niet uitsluitend als tegenstanders van Rome beschouwt, maar als een hoogontwikkelde beschaving met een eigen politieke traditie, religie en cultuur. Tegelijk erkent hij eerlijk dat de beschikbare bronnen grotendeels uit Romeinse hoek afkomstig zijn, waardoor het perspectief onvermijdelijk enigszins onevenwichtig blijft. Die openheid over de beperkingen van het bronnenmateriaal versterkt juist de betrouwbaarheid van zijn betoog.
De omvang van het boek vraagt wel enige toewijding. De vele koningen, keizers, generaals en opeenvolgende dynastieën kunnen soms overweldigend zijn, zeker voor lezers zonder voorkennis van de oudheid. Toch weet Goldsworthy de grote lijn steeds vast te houden. Zijn centrale inzicht is overtuigend: Rome en Perzië bepaalden elkaars geschiedenis. Geen van beide rijken was ooit sterk genoeg om de ander definitief te onderwerpen, maar geen van beide kon zich veroorloven de ander te negeren. Juist dat langdurige machtsevenwicht gaf vorm aan de politieke geschiedenis van het Nabije Oosten.
Rome en Perzië behoort tot Goldsworthys meest ambitieuze werken. Waar hij zich in eerdere boeken vaak concentreerde op één keizer, veldheer of oorlog, kiest hij hier voor een panorama van zeven eeuwen geopolitieke rivaliteit. Het resultaat is een gezaghebbende en meeslepende studie die laat zien dat de geschiedenis van het Romeinse Rijk niet volledig kan worden begrepen zonder ook haar machtigste oostelijke buur serieus te nemen. Daarmee vult Goldsworthy een opvallende leemte in de populaire geschiedschrijving over de klassieke oudheid.
Patrick Conrad
De mensheid zal nog van mij horen
Vluchtvrouw
Vallen is als vliegen
Terug naar China
Minnaar tegen elke prijs
Clint Eastwood
Beste Michele
Uitgeverij Guggenheimer
Charley Toorop
Schaduw van verlangen
Ik ben Emma
Brief aan een postzegel
Bloedarend
Frederic Vermeulen
Een heel klein beetje vrede
De eetclub
Niet elke auteur wil activist zijn
Aan het einde van de oorlog
Zwarte bladzijden
Scheuren in de toekomst
Het Achterhuis