Dat oorlogvoering verandert, is nauwelijks nog een controversiële stelling. Cyberaanvallen, desinformatiecampagnes, sabotage van infrastructuur, economische druk en buitenlandse beïnvloeding zijn vandaag evenzeer onderdeel van geopolitieke conflicten als tanks en gevechtsvliegtuigen. In Schemeroorlog wil voormalig kolonel Roger Housen de lezer wakker schudden voor die nieuwe realiteit. Dat is een legitieme en zelfs noodzakelijke ambitie. De vraag is alleen of dit boek daarin volledig slaagt.
Housen vertrekt vanuit een overtuiging die moeilijk te betwisten valt: Europese landen zijn kwetsbaar. Onze energievoorziening, communicatienetwerken, digitale infrastructuur en democratische instellingen kunnen het doelwit worden van tegenstanders die geen formele oorlog hoeven te verklaren om schade aan te richten. De auteur beschrijft hoe staten en niet-statelijke actoren steeds vaker opereren in een grijze zone tussen vrede en oorlog.
Die waarschuwing is relevant. Zeker sinds de oorlog in Oekraïne is duidelijk geworden dat moderne conflicten zich niet beperken tot het slagveld. Housen brengt die evolutie begrijpelijk onder woorden en weet complexe veiligheidskwesties toegankelijk te maken voor een breed publiek. Zijn militaire achtergrond verleent het boek bovendien een zekere geloofwaardigheid.
Toch blijkt al snel dat Schemeroorlog minder een diepgravende analyse is dan een opeenstapeling van alarmsignalen.
Vrijwel elk hoofdstuk benadrukt nieuwe dreigingen: buitenlandse inmenging, sabotage, cyberaanvallen, economische afhankelijkheid, politieke beïnvloeding en maatschappelijke polarisatie. Op zichzelf zijn die onderwerpen belangrijk, maar de behandeling ervan blijft vaak aan de oppervlakte. De lezer krijgt een reeks scenario’s voorgeschoteld die duidelijk moeten maken wat er mis kan lopen, zonder dat altijd even grondig wordt onderzocht hoe waarschijnlijk die scenario’s werkelijk zijn.
Daardoor ontstaat een onevenwicht.
Housen is bijzonder sterk in het schetsen van risico’s, maar minder overtuigend wanneer hij de omvang van die risico’s probeert af te wegen. Het boek lijkt soms uit te gaan van het principe dat elke potentiële dreiging ook een bijna onvermijdelijke dreiging is. Dat zorgt voor spanning, maar niet noodzakelijk voor inzicht.
Een tweede probleem is dat het begrip “schemeroorlog” gaandeweg zo breed wordt dat het bijna alles kan omvatten. Wanneer cyberaanvallen, propaganda, economische concurrentie, migratiedruk, sabotage, sociale media en geopolitieke rivaliteit onder dezelfde noemer terechtkomen, dreigt het concept analytische scherpte te verliezen. Niet elke maatschappelijke uitdaging is immers een vorm van oorlogsvoering.
Daardoor schuift het boek soms ongemerkt op van analyse naar retoriek.
Dat is jammer, want Housen beschikt duidelijk over kennis van zaken. Op zijn sterkst is hij wanneer hij concrete voorbeelden bespreekt en laat zien hoe moderne staten proberen invloed uit te oefenen zonder openlijk geweld te gebruiken. Op die momenten krijgt de lezer daadwerkelijk inzicht in een complexe werkelijkheid. Maar te vaak maakt dat inzicht plaats voor een algemene waarschuwing dat we onvoldoende voorbereid zijn.
Ook de oplossingen blijven opvallend algemeen. Er wordt gepleit voor meer waakzaamheid, meer weerbaarheid en meer bewustwording, maar de uitwerking daarvan blijft vaak beperkt. Juist omdat de dreiging volgens de auteur zo ernstig en acuut is, had een concretere bespreking van mogelijke beleidskeuzes niet misstaan.
Stilistisch leest Schemeroorlog vlot. Housen schrijft helder en toegankelijk, zonder zich te verliezen in militair jargon. Dat maakt het boek geschikt voor lezers die weinig voorkennis hebben van veiligheidsvraagstukken. Tegelijk zorgt die toegankelijkheid ervoor dat sommige onderwerpen minder diepgaand worden behandeld dan ze verdienen.
De grootste verdienste van het boek is wellicht dat het een publiek debat opent over een onderwerp dat lange tijd vooral specialisten bezighield. Housen wijst terecht op kwetsbaarheden die in een open samenleving vaak worden onderschat. Zijn waarschuwing dat veiligheid meer omvat dan militaire slagkracht alleen, verdient aandacht.
Maar een goede waarschuwing is nog geen overtuigende analyse.
Schemeroorlog slaagt erin de lezer ongerust te maken. Het boek stelt veel vragen, schetst veel dreigingen en benadrukt veel risico’s, maar laat de lezer uiteindelijk achter met het gevoel dat de complexiteit van het onderwerp groter is dan de antwoorden die worden aangereikt.
Dat maakt Schemeroorlog tot een relevant en actueel boek, maar niet tot het onmisbare standaardwerk dat het soms lijkt te willen zijn. Het leest als een dringende waarschuwing uit de veiligheidswereld. Wie echter op zoek is naar een diepgravende analyse van de geopolitieke uitdagingen van de eenentwintigste eeuw, zal elders meer intellectuele diepgang vinden.
Occo
Remco Evenepoel
Mrs Dalloway
De Repair Club
Zeg, ken jij de mosselman?
Korea, de vergeten oorlog
Ola en de dingen
De kuren van Komrij
Gastvrijheid
Spel
Je ziet mij nooit meer terug
Een kleine selectie van Librar. elk weekend in uw mailbox?
Peelwerkers
Het laatste verhaal van Jamie Gunn
De grote boze wolf
Een verloren meisje in Parijs
Het einde van de wereld
Waarom behandelen we poëzie alsof niemand ze echt hoeft te lezen?
Wankel koninkrijk
Niemand wordt als moordenaar geboren
Een winter vol verrassingen
De verwondering
Stemmen in het duister