Met Waagstukken beweegt Charlotte Van den Broeck zich buiten het domein van de poëzie en betreedt ze het terrein van de literaire non-fictie. Het resultaat is een van de opmerkelijkste Nederlandstalige boeken van de voorbije jaren: een mengeling van reisverhaal, essay, architectuurgeschiedenis en persoonlijke zoektocht die zich moeilijk in één genre laat onderbrengen.
Het vertrekpunt is even fascinerend als macaber. Van den Broeck raakt geobsedeerd door een reeks architecten die zelfmoord pleegden nadat een gebouw van hun hand was ingestort of ernstige gebreken had vertoond. Ze reist door Europa om dertien van die gebouwen te bezoeken en probeert te begrijpen wat deze mannen dreef. Waarom voelen sommige bouwmeesters zich persoonlijk verantwoordelijk voor hun creaties, zelfs wanneer technische fouten, politieke omstandigheden of puur toeval een rol spelen?
Wat volgt is geen droge architectuurgeschiedenis. De gebouwen vormen slechts het begin van een veel bredere reflectie over scheppen en vernietigen, ambitie en mislukking, trots en schaamte. Van den Broeck onderzoekt niet alleen de levens van de architecten, maar ook haar eigen fascinatie voor vergissingen en mislukkingen. Daardoor krijgt het boek een persoonlijke dimensie.
Een van de grootste kwaliteiten van Waagstukken is de stijl. Van den Broeck schrijft met de precisie van een dichter. Haar observaties zijn scherp, haar beschrijvingen beeldend en haar zinnen zorgvuldig opgebouwd. Zelfs wanneer ze technische of historische informatie behandelt, blijft de tekst licht en elegant. De liefde voor taal die haar poëzie kenmerkt, is ook hier voortdurend aanwezig.
Daarnaast bezit het boek een aanstekelijke nieuwsgierigheid. Van den Broeck kijkt niet alleen naar gebouwen, maar naar de verhalen die erin verborgen liggen. Een ingestorte brug, een scheve toren of een mislukte constructie wordt bij haar een aanleiding om na te denken over menselijke hoogmoed en kwetsbaarheid. Daarmee overstijgt Waagstukken het onderwerp architectuur en wordt het een boek over de menselijke behoefte om iets blijvends achter te laten.
Toch is niet alles even overtuigend. Sommige verbanden die de auteur legt tussen haar eigen leven en dat van de architecten voelen enigszins gezocht aan. Ook verschilt de kracht van de afzonderlijke hoofdstukken. Niet elk gebouw of levensverhaal blijkt even intrigerend als het vorige. Af en toe dreigt het concept belangrijker te worden dan de uitwerking.
Maar zelfs op die momenten blijft Van den Broeck een boeiende gids. Haar enthousiasme voor het onderwerp werkt aanstekelijk en haar vermogen om historische feiten, persoonlijke ervaringen en filosofische vragen met elkaar te verbinden maakt indruk.
Waagstukken is uiteindelijk veel meer dan een boek over architectuur. Het gaat over de prijs van ambitie, over de angst om te falen en over de verantwoordelijkheid die kunstenaars, architecten en makers voelen tegenover hun werk. De centrale vraag die boven het boek hangt, is misschien wel waarom sommige mensen hun creaties zo ernstig nemen dat ze er hun eigen leven aan verbinden.
Met Waagstukken bewees Charlotte Van den Broeck dat ze niet alleen een van de opvallendste stemmen uit de hedendaagse Vlaamse poëzie is, maar ook een uitzonderlijk talent heeft voor literaire non-fictie. Het boek is origineel, intelligent en geschreven met een zeldzame combinatie van nieuwsgierigheid en stilistische finesse. Een van de meest bijzondere Nederlandstalige non-fictieboeken van de afgelopen jaren.
Harry Potter en de Steen der Wijzen
Levensvonk
Voornamelijk vrouwen
Bach dag na dag
Grand-hotel Europa
Reinaard
On my watch
Levende wezens
De kreeftenvrouwen
Open hemel
Het geschenk
Joris Ockeloen en het wachten
Zonder vlagvertoon
De druiven der gramschap
Het verloren symbool
George Saunders
Culturele zelfhypnose?
De camino
Patrimonium
De weduwe
Het diner
De man die quizvraag wilde worden