De Belg

De Belg

 Formaat: Paperback  Auteur: Mark Koster  Genre: non-fictie  Uitgeverij: Prometheus  Gepubliceerd: 2024  Pagina's: 442  Taal: nederlands  ISBN: 9789044654141  Gewicht: 640  Grootte: 150mm x 229mm  Tags: biografie | Mark Koster | non-fictie | Prometheus
 Recensie:

De Belg presenteert zich als een biografie van Christian Van Thillo, maar is in werkelijkheid evenzeer een kroniek van de ongeziene machtsconcentratie binnen de Nederlandstalige media. Het boek leest als een mengeling van onderzoeksjournalistiek, mediasatire en polemische aanklacht. Mark Koster beschrijft niet alleen de opmars van DPG Media, maar ook de manier waarop commerciële logica, politieke connecties en journalistieke afhankelijkheid langzaam met elkaar verstrengeld raakten.

Van Thillo verschijnt in het boek als een bijzonder complexe figuur: charmant, intelligent, strategisch briljant, maar tegelijk gedreven door een haast instinctief verlangen naar controle. Onder zijn leiding groeide DPG uit van een Vlaamse uitgeverij tot het dominante mediaconcern van de Lage Landen, met kranten, radiozenders, televisiestations, magazines en digitale platformen onder één dak. Koster toont overtuigend hoe die expansie niet alleen economische maar ook culturele gevolgen heeft gehad.

De interessantste passages van het boek gaan minder over de persoon Van Thillo dan over de evolutie van de moderne journalistiek zelf. Koster beschrijft hoe redacties steeds meer gestuurd worden door cijfers, klikgedrag en commerciële efficiëntie. Regionale journalistiek wordt gecentraliseerd, redacties fuseren en artikels circuleren tussen titels die ooit onafhankelijk van elkaar functioneerden. Het beeld dat ontstaat is dat van een mediabedrijf dat journalistiek behandelt als een perfect schaalbaar product.

Toch schuilt precies daar ook het probleem van De Belg. Het boek laveert voortdurend tussen analyse en afrekening. Koster schrijft met grote vaart, flair en zichtbaar plezier in het vertellen van mediaverhalen, maar zijn toon wordt soms zo polemisch dat de afstand tot zijn onderwerp verdwijnt. Van Thillo wordt geregeld opgevoerd als bijna mythische manipulator, waardoor nuance soms onder druk komt te staan.

Dat spanningsveld maakt de biografie tegelijk meeslepend en problematisch. Enerzijds bevat het boek een indrukwekkende hoeveelheid feiten, anekdotes en reconstructies over de Vlaamse en Nederlandse mediasector van de voorbije decennia. Anderzijds voelt de selectie van die feiten soms doelbewust gericht op bevestiging van een vooraf vastgelegde conclusie: dat Van Thillo de personificatie zou zijn van de commercialisering en verschraling van de journalistiek.

Interessant is hoe vaak het boek impliciet ook de zwakte van journalisten zelf blootlegt. Koster beschrijft een wereld waarin hoofdredacteurs, columnisten en mediafiguren voortdurend balanceren tussen onafhankelijkheid en opportunisme. Macht blijkt zelden rechtstreeks opgelegd te worden; veel vaker ontstaat zij via loyaliteit, groepsvorming en subtiele afhankelijkheid. Juist daar wordt De Belg op zijn sterkst: als beschrijving van een mediasysteem waarin commerciële en journalistieke belangen steeds moeilijker van elkaar te onderscheiden zijn.

De historische passages over de Vlaamse wortels van de familie Van Thillo en het collaboratieverleden van sommige familieleden behoren tot de meest gevoelige onderdelen van het boek. Koster probeert die geschiedenis te verbinden met het hedendaagse mediarijk, maar niet alle verbanden overtuigen even sterk. Soms lijkt de suggestie belangrijker dan de feitelijke onderbouwing. Dat ondermijnt op bepaalde momenten de geloofwaardigheid van het grotere betoog.

Stilistisch leest De Belg opvallend vlot. Koster schrijft journalistiek proza met gevoel voor scène, conflict en karakterisering. Hij heeft een scherp oog voor ijdelheid, machtsspelletjes en de theatrale kant van de mediawereld. Daardoor leest het boek vaak als een kroniek van hofintriges binnen een modern mediaconcern. Vooral de passages over overnames, redactiestrijd en botsende ego’s bezitten een bijna romanachtige energie.

Maar precies die stijl verraadt soms ook de zwakte van het boek. Koster kiest geregeld voor scherpe typeringen en ironische karakterbeschrijvingen die literair amusant zijn, maar analytisch minder overtuigend. Sommige figuren worden haast karikaturen, waardoor de structurele analyse van de mediasector minder diepgravend wordt dan mogelijk was geweest.

Toch blijft De Belg een opvallend boek omdat het een ongemakkelijke vraag centraal stelt: wat gebeurt er met journalistieke pluriformiteit wanneer steeds meer media in handen komen van enkele grote spelers? Koster toont overtuigend dat de moderne journalistiek niet alleen bedreigd wordt door politieke druk of sociale media, maar ook door economische schaalvergroting en permanente optimalisering.

Uiteindelijk is De Belg daardoor misschien minder geslaagd als klassieke biografie dan als symptoomboek over de hedendaagse mediawereld. Het portret van Van Thillo blijft soms eenzijdig, maar de bredere diagnose van journalistieke commercialisering treft wel degelijk doel. Achter alle polemiek en persoonlijke afrekeningen schuilt een ernstig maatschappelijk debat over macht, informatie en de toekomst van onafhankelijke journalistiek.

Recensie: Jens Moerveer

Scroll naar boven