De Maanden: mei
Formaat: Paperback Auteur: Arjen van Veelen Genre: fictie Uitgeverij: Das Mag Uitgeverij Gepubliceerd: 2025 Pagina's: 136 Taal: nederlands ISBN: 9789493399341 Gewicht: 152 Grootte: 127mm x 202mm Tags: Arjen van Veelen | Das Mag | De Maanden | fictieArjen van Veelen schrijft met Mei een boek dat zich nadrukkelijk onttrekt aan wat je ervan zou verwachten. In een reeks als De maanden waar de verleiding groot is om de symboliek van de kalendermaand zwaar aan te zetten, kiest hij opvallend genoeg voor het omgekeerde: ontregeling, vertraging, leegte.
Dat is op zichzelf al een kleine provocatie. Zeker omdat de schaduw van Herman Gorter en diens monumentale Mei (1889) onvermijdelijk boven het project hangt. Waar Ellen Deckwitz in haar bijdrage April nog expliciet de dialoog aanging met Gorters gedicht — en dat zelfs enigszins forcerend naar haar hand zette — weigert van Veelen die literaire erfenis frontaal te bespelen. Je voelt dat hij die route bewust vermijdt, misschien zelfs wantrouwt. Alsof hij denkt: daar valt niets meer te winnen.
In plaats daarvan kiest hij voor water. Kajaks, kano’s, opblaasbare constructies — objecten die zich per definitie tussen controle en overgave bevinden — worden bij van Veelen geen avontuurlijke instrumenten, maar denkinstrumenten. Hij zet zich expliciet af tegen wat je “kajakliteratuur” zou kunnen noemen: verhalen van prestatie, snelheid en uithouding. Zijn alternatief is het dobberen. Niet als metafoor die ergens naartoe moet leiden, maar als toestand die voldoende is op zichzelf.
Daar wringt het toch ook licht. Want hoewel van Veelen zich verzet tegen begrippen als “doel” en “moeten”, hangt er wel degelijk een normatief sausje over zijn filosofie van het dobberen. Het vrijblijvende wordt bijna programmatisch. Rust wordt een opdracht. Leegte een streven. En precies daar sluipt een paradox binnen die het boek nooit helemaal oplost.
Interessanter wordt het wanneer hij aansluiting zoekt bij de poëzie, en meer bepaald bij Paul van Ostaijen. Diens Melopee fungeert als een soort stille leidraad doorheen het boek. De cadans van het schuiven — maan, water, kano — vindt een echo in van Veelens proza, dat soms aangenaam loom en ritmisch wordt. Het zijn de sterkste passages, waarin denken en waarnemen samenvallen zonder dat ze elkaar willen domineren.
De scène op de Waal, waarin de schrijver zich eerst veilig in een doodlopende sprang ophoudt en zich daarna toch op het echte water waagt, is exemplarisch. Niet spectaculair, maar precies daardoor overtuigend. Er gebeurt weinig, en dat is de bedoeling. De leegte wordt niet geclaimd, maar ondergaan.
Parallel daaraan loopt het motief van het leeglopende huis — een woning die bezemschoon moet worden opgeleverd, bewoners die één voor één verdwijnen. Het is een wat zwaarder aangezet beeld, maar het werkt. Hier krijgt de leegte een concreet, bijna banaal gewicht. Niet langer een esthetische keuze, maar een opgelegde realiteit.
Is dit een “Mei-boek”? Niet echt, althans niet in de traditionele zin. Wie op zoek is naar een uitgesproken seizoensgevoel of een expliciete dialoog met Gorter, zal hier weinig houvast vinden. Maar dat lijkt ook niet de ambitie. Van Veelen gebruikt de maand eerder als kader om een houding te verkennen: hoe verhoud je je tot een wereld die voortdurend aandringt op beweging, richting, betekenis?
Het antwoord dat hij suggereert — dobberen, vertragen, verdwijnen — is niet nieuw en ook niet helemaal vrij van pretentie. Maar het wordt hier wel met een zekere lichtheid gebracht, zonder de zwaarwichtigheid die dit soort thema’s vaak verstikt.
Mei is daarmee geen groot boek, maar wel een coherent en bedachtzaam tussendoorboek. Het doet wat de reeks beoogt: het verschuift je blik, zij het voorzichtig. En misschien is dat, in een maand die traditioneel barst van leven en belofte, al een kleine afwijking op zich.
Recensie: Carlo Corstjens
← overzicht – De Maanden: januari

Submit your review | |
April was beter vind ik. Maar eigenlijk zijn al deze boekjes gewoon de moeite waard, ik heb de ganse collectie in één keer kunnen aanschaffen destijds. Nu blijkt dat ze vorig jaar heruitgegeven zijn.
