De overbodigen
Formaat: Paperback Auteur: Herman Koch Genre: fictie Uitgeverij: Ambo-Anthos Gepubliceerd: 2026 Pagina's: 224 Taal: nederlands ISBN: 9789026370649 Gewicht: 350 Grootte: 137mm x 216mm Tags: Ambo Anthos | fictie | Herman Koch | romanHerman Koch heeft zijn naam gevestigd met romans waarin keurige burgers langzaam hun morele kompas verliezen. Ook in De overbodigen zet hij dat beproefde mechanisme opnieuw in: twee stellen, een schijnbaar onschuldige vakantie en een gebeurtenis die alles ontspoort. Ditmaal voert het decor naar de glooiende paden van de Cotswolds, waar een wandeltocht ontaardt in een gewelddadige confrontatie met fatale afloop.
De premisse is veelbelovend. Vier mensen die elkaar eigenlijk niet mogen, gedwongen tot elkaars gezelschap, met daarbovenop een generatieconflict dat voortdurend suddert. De vader van de jonge vrouw, een luidruchtige en zelfingenomen wetenschapper, maakt geen geheim van zijn minachting voor haar partner. Dat alleen al had kunnen uitmonden in een scherp, ongemakkelijk relationeel drama.
Maar Koch kiest vrijwel meteen voor de vlucht naar voren. Al vroeg wordt duidelijk dat de groep verantwoordelijk is voor de dood van twee mensen. De spanning zit dus niet in het wat, maar in het hoe en waarom. Die keuze ondermijnt echter iets wezenlijks: voordat de lezer zich moreel kan ingraven, wordt het verhaal al naar een extreme stand geduwd.
Waar Koch eerder excelleerde in het tonen van grijze zones – situaties waarin je als lezer met tegenzin begrip voelt – wordt hier een grens overschreden die lastig te accepteren is. Een dubbele moord wordt in het verhaal opmerkelijk snel gerationaliseerd. De daders besluiten hun vakantie voort te zetten, alsof het gaat om een vervelende ruzie in plaats van een onomkeerbare daad.
Dat mensen zichzelf alles kunnen wijsmaken, staat buiten kijf. Maar de snelheid en soepelheid waarmee dit gebeurt, wringt. De roman vraagt veel van de bereidheid tot meedenken: niet alleen moeten schuld en angst worden weggepoetst, ook moeten lichamen verdwijnen, bewijzen worden genegeerd en gewetens vrijwel direct worden gesmoord. Het morele gewicht dat zo’n gebeurtenis zou moeten hebben, krijgt nauwelijks ruimte.
De centrale figuur, Herbert, fungeert daarbij als katalysator. Hij presenteert de gebeurtenissen als logisch, onvermijdelijk zelfs, en onderbouwt zijn redeneringen met biologische theorieën over dominantie en agressie. Dat levert soms scherpe satire op, maar vaker voelt het als een herhaling van zetten: de zelfverzekerde man die zijn gelijk uitroept en daarin nauwelijks wordt tegengesproken.
Koch heeft een voorkeur voor dit soort personages: succesvolle mannen die hun morele leegte verhullen met intellectueel jargon en bravoure. Herbert past naadloos in die traditie. Hij is mediageniek, overtuigd van zijn eigen gelijk en blind voor zijn eigen wreedheid. Als lezer zie je zijn redeneringen ontsporen, maar het boek lijkt die ontsporing niet altijd serieus te nemen.
Dat roept de vraag op wat de roman precies wil laten zien. Is het een satire op de ‘sterke man’ die alles denkt te kunnen verklaren? Een waarschuwing voor moreel relativisme? Of vooral een groteske karikatuur? Omdat de bijfiguren zich zo gemakkelijk laten meeslepen, verliest het verhaal aan psychologische spanning. Manipulatie wordt karikatuur, morele strijd een sketch.
Pas wanneer Herbert wordt geconfronteerd met zijn dochter, ontstaat er iets van echte kwetsbaarheid. In die scènes toont Koch dat hij nog altijd feilloos weet waar menselijke angst en liefde elkaar raken. Hier wordt zichtbaar wat de roman elders mist: terughoudendheid, nuance en emotionele scherpte.
De overbodigen is daarmee geen mislukt boek, maar wel een onevenwichtig boek. De ideeën zijn interessant, de observaties soms raak, maar de uitvoering mist de precisie die nodig is om zo’n zware morele kwestie overtuigend te dragen. Wat resteert is een roman die prikkelt en amuseert, maar minder ontregelt dan hij zelf lijkt te denken.
Recensie: Carla Jansen

Submit your review | |
