Verwarring
In deze compacte, licht ironische roman Verwarring neemt Haye van der Heyden ons mee naar een dorpje onder de rook van Amsterdam, waar we kennismaken met Petra en Richard. Petra leidt een zelfstandig leven, geniet van roken en drinken, accepteert vreemdgaan als een onderdeel van relaties en laat zich meevoeren door het leven zoals het komt. Richard daarentegen worstelt: hij is gevoelig, onstabiel en zoekt houvast die hij niet kan vinden.
Vanaf de eerste pagina wordt duidelijk dat van der Heyden bewust speelt met traditionele rolverwachtingen. Hier is het niet de vrouw die emotioneel en onzeker is, maar de man. Zijn verhaal lijkt dan ook eerder op een toneelstuk dan op een conventionele roman. De openingszinnen laten dat meteen zien: “De plek is een nieuwbouwdorp voor welgestelden, vijf minuten verwijderd van Amsterdam.” Even later: “De tijd is het begin van de eenentwintigste eeuw. Mannen en vrouwen zijn in de war.”
Van der Heyden’s achtergrond in theater, en dan vooral in komedies over relaties, is merkbaar: het boek is licht van toon en de dialogen zijn scherp en geestig. Het verhaal zelf is eigenlijk een middel om de aandacht te vestigen op de patronen die mensen in relaties ontwikkelen, de illusies waarin ze leven en de bizarre rationalisaties die ze verzinnen om conflicten te vermijden. Het gaat niet om dramatische climaxen of heftige confrontaties, maar om de subtiele ironie van alledaags gedrag.
Critici merken soms op dat van der Heyden niet diep graaft. En inderdaad, de roman blijft luchtig, maar daaronder ligt een subtiele scherpte. Tussen de humor en de gevatte oneliners door sijpelen plotseling reflecties over ouder worden, vergankelijkheid en de beperkingen van samenleven. Deze momenten van ernst zijn kort en ingetogen, en voorkomen dat het boek belerend of sentimenteel wordt – een contrast met bijvoorbeeld Lars Norén, die in zijn toneel vaak zwaar op de hand relaties analyseert.
Over het geheel genomen is Verwarring vooral een geestig en vlot boek, vol slimme observaties over hoe mensen hun gedrag proberen te rechtvaardigen. Van der Heyden is een meester in wat je misschien “scheefpraat” zou kunnen noemen: dialogen waarin de personages zichzelf overtuigen van hun eigen logica, hoe vreemd die soms ook is. Een voorbeeld: Richard die zichzelf vertelt dat hij vreemd moet gaan “voor het welzijn van hun huwelijk.”
Het boek eindigt in dezelfde toon van droogkomische reflectie die het begon: een simpele, maar treffende afsluiting met de woorden: “Weer een winter overleefd.”
Recensie: Valerie Daelemans
← overzicht – De Maanden: februari

Submit your review | |
