
Georges Simenon werd geboren op 13 februari 1903 in Luik. Hij begon zijn carrière als journalist, een periode die zijn latere schrijfstijl blijvend zou beïnvloeden: direct, observerend, zonder omwegen.
In de jaren 1920 trok hij naar Parijs, waar hij aanvankelijk onder pseudoniemen een groot aantal populaire romans en feuilletons schreef. Zijn echte doorbraak kwam begin jaren 1930 met de creatie van commissaris Jules Maigret, een personage dat zou uitgroeien tot een van de bekendste figuren uit de Europese misdaadliteratuur.
Naast de Maigret-reeks schreef Simenon zijn zogenoemde romans durs: psychologische romans waarin niet het misdrijf, maar de mens centraal staat. Tot die kern van zijn oeuvre behoren onder meer Le Chat en Lettre à mon juge, werken waarin hij met grote soberheid de breuklijnen van het dagelijks leven blootlegt.
Simenon was uitzonderlijk productief: hij schreef meer dan 400 romans en talloze korte verhalen. Na omzwervingen door Europa en de Verenigde Staten vestigde hij zich uiteindelijk in Epalinges, waar hij het grootste deel van zijn latere leven doorbracht.
Hij overleed op 4 september 1989 in Lausanne. Zijn werk blijft tot vandaag wereldwijd gelezen, niet om zijn omvang, maar om zijn zeldzame vermogen om met minimale middelen de menselijke conditie scherp te stellen.
Librar las Le chat.
