
Jan Hendrik Wolkers (1925–2007) was een Nederlands schrijver, beeldhouwer en schilder die uitgroeide tot een van de meest markante stemmen in de naoorlogse literatuur. Hij werd geboren in Oegstgeest in een streng gereformeerd gezin, een milieu waarvan hij zich al op jonge leeftijd losmaakte. Na een onvoltooide schoolopleiding en uiteenlopende baantjes – onder meer als laboratoriummedewerker, tuinman en schilder – ontwikkelde hij zich vooral in de beeldende kunst, een discipline die hij altijd als zijn primaire roeping bleef beschouwen. Tijdens en kort na de Tweede Wereldoorlog volgde hij kunstopleidingen in Nederland en verbleef hij enige tijd in Parijs, waar hij zich verder artistiek vormde.
Zijn literaire doorbraak kwam in de jaren zestig met romans als Terug naar Oegstgeest en Turks fruit, waarin hij op directe, lichamelijke en vaak confronterende wijze schreef over liefde, dood, seksualiteit en verlies. Zijn werk werd zowel geprezen om zijn vitaliteit als bekritiseerd om zijn expliciete karakter. Persoonlijke ervaringen, zoals het vroege overlijden van zijn dochter, speelden een belangrijke rol in zijn oeuvre. Wolkers weigerde meerdere prestigieuze literaire prijzen, wat zijn eigenzinnige positie in het literaire veld onderstreepte.
In zijn latere leven vestigde hij zich met zijn derde vrouw, Karina Gnirrep, op Texel, waar natuur en afzondering een steeds grotere rol gingen spelen in zijn werk en publieke optredens. Hij bleef actief als kunstenaar en schrijver en trad ook af en toe naar voren in maatschappelijke discussies. Wolkers overleed in 2007 in zijn huis op Texel, kort voor zijn tweeëntachtigste verjaardag. Zijn nalatenschap omvat een veelzijdig oeuvre waarin literatuur en beeldende kunst onlosmakelijk met elkaar verbonden zijn.
Librar las Turks fruit.
