
Johan Daisne was het pseudoniem van Herman Thiery, geboren op 2 september 1912 in Gent en overleden in dezelfde stad op 9 augustus 1978. Hij groeide uit tot een van de belangrijkste vertegenwoordigers van het magisch-realisme in de Nederlandstalige literatuur, samen met auteurs als Hubert Lampo.
Daisne studeerde Slavische talen en economie aan de Universiteit Gent en werkte korte tijd als leraar. Vanaf 1945 tot aan zijn dood was hij hoofdbibliothecaris van de Stedelijke Openbare Bibliotheek van Gent. Die combinatie van bibliothecaris en schrijver typeert zijn werk: rationeel opgebouwd, intellectueel doordacht, maar tegelijk voortdurend op zoek naar wat achter de zichtbare werkelijkheid schuilgaat.
Hij debuteerde als dichter met Verzen (1935), maar verwierf vooral bekendheid met romans en novellen waarin droom, werkelijkheid, tijd en bewustzijn in elkaar overvloeien. Tot zijn bekendste werken behoren De trap van steen en wolken (1942), De man die zijn haar kort liet knippen (1947) en De trein der traagheid (1948). Zijn werk werd gekenmerkt door een filosofische ondertoon, psychologische diepgang en een subtiele, vaak melancholische sfeer.
Daisnes romans werden meermaals bekroond en vertaald. De man die zijn haar kort liet knippen werd in 1966 verfilmd door André Delvaux, wat zijn internationale reputatie verder versterkte. In 1960 ontving hij de Vlaamse Staatsprijs voor Proza, later gevolgd door de Internationale Kogge-prijs voor zijn volledige oeuvre.
Binnen de Vlaamse literatuur blijft Johan Daisne een unieke stem: een schrijver die het alledaagse wist open te breken naar het mysterieuze, zonder ooit het menselijke uit het oog te verliezen.
Librar las De trein der traagheid.
